Nog 1000 jongeren in gevangenis in Marokko na protesten tegen regering
‘Het is ondenkbaar dat onze zoon vastzit, hij is onschuldig’
)
© Fotograaf gekend bij de redactie
)
© Fotograaf gekend bij de redactie
Renée Boskaljon
16 maart 2026 • 14 min leestijd
Na de protesten tegen de regering van eind vorig jaar zitten zo'n 1000 Marokkaanse jongeren nog altijd vast in de gevangenis. Meer dan 2000 jongeren worden vervolgd omdat ze mee protesteerden, en tientallen moeten voor jaren de nor in. Maar hun families blijven gerechtigheid eisen.
‘Ik voel me nu heel ziek. Terwijl ik dit schrijf, huil ik en heb ik een brok in mijn keel. Ik begrijp niet hoe ze mijn zoon voor niets hebben kunnen veroordelen’, schrijft Younes*.
De leraar staat al dertig jaar voor de klas en leidde tot voor kort een rustig leven. Maar de afgelopen vijf maanden staat dat leven op zijn kop. Op de middag van 26 september, een dag voordat de Marokkaanse Gen Z-demonstraties losbarstten, werd zijn zoon Karim*, begin twintig, in het huis van zijn grootouders opgepakt. Hij zou aangezet hebben tot het plegen van misdrijven en overtredingen via sociale media. De jonge student is inmiddels veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf.
‘Ze zeiden dat zijn computer en telefoon video's en afbeeldingen bevatten van protesten die in andere landen plaatsvonden, zoals in Nepal.’ Volgens Younes had Karim ze simpelweg bekeken, net als andere Marokkaanse jongeren, zonder ze zelfs maar te hebben gedeeld.
De dag na Karims arrestatie gingen duizenden Marokkaanse jongeren in grote steden zoals Casablanca, Rabat en Marrakesh de straat op. Ze eisten betere gezondheidszorg en onderwijs en een einde aan de corrupte regering.
Volgens de Marokkaanse mensenrechtenorganisatie AMDH kwamen drie jonge mannen om door politiegeweld en werden in deze dagen duizenden jongeren opgepakt, van wie er nu nog meer dan 2000 vervolgd worden en waarvan zo'n 1000 al meer dan vijf maanden vastzitten. Sommigen, zoals Karim, werden al vóór de protesten gearresteerd, op het moment dat de autoriteiten merkten dat er online iets begon te borrelen.
Toch verklaarden de Marokkaanse autoriteiten dat vanaf het moment van arrestatie voldaan is aan alle voorwaarden voor een eerlijk proces, dat politierapporten op rechtmatige wijze opgesteld zijn en dat de vonnissen binnen een redelijke termijn uitgesproken zijn.
Maar mensenrechtenorganisaties schetsen een ander beeld. Zij veroordelen de willekeurige opsluiting van Gen Z-demonstranten en spreken over mishandelingen tijdens arrestaties. AMDH wijst erop dat tientallen jongeren zware gevangenisstraffen opgelegd gekregen, in sommige gevallen tot wel vijftien jaar, zoals de openbaar aanklager in oktober zelf verklaarde.
Protest overal
De Gen Z-demonstranten kwamen op straat voor een eerlijker samenleving. Ze protesteerden tegen corruptie en ongelijkheid en eisten toegang tot goede gezondheidszorg, onderwijs, werk en sociale bescherming. Het gebrek aan investeringen in die basisnoden ligt gevoelig, zeker met de investeringen die gastland Marokko wél doet in aanloop naar het WK Voetbal in 2030.
De protesterende jongeren sloten zich aan bij een internationale Gen Z-beweging, waarbij jongeren in minstens zeven landen gedurende enkele maanden de straat opgingen. In landen zoals Nepal en Madagaskar dwongen ze regeringsleiders daarmee zelfs tot aftreden. De wereld keek met gespannen aandacht toe: zouden de Marokkaanse jongeren hetzelfde voor elkaar krijgen?
Die verwachting drukte de Marokkaanse regering meedogenloos de kop in. De omvang van de protesten heeft de autoriteiten verontrust, stelt Ahmed Benchemsi, woordvoerder bij Human Rights Watch voor de regio Midden-Oosten en Noord-Afrika, en daarom heeft ze hardhandig ingegrepen hebben om een duidelijke politieke boodschap te sturen. ‘De Makhzen (het Marokkaanse staatsapparaat, red.) raakte in paniek en orkestreerde deze brede repressie om er geen twijfel over te laten bestaan: geen enkele vorm van kritiek zal getolereerd worden’, verduidelijkt hij.
Deze beweging vormde de grootste protestgolf in het koninkrijk sinds de Arabische Lente van 2011 en de Rif-protesten van 2016 en 2017, toen inwoners van het Rifgebergte massaal de straat op gingen uit onvrede over marginalisering, werkloosheid en achtergestelde voorzieningen. ‘Dit zijn de eerste landelijke protesten sinds de Arabische Lente’, legt Benchemsi uit. ‘De protesten van 2017 waren slechts lokaal, maar deze verspreidden zich over het hele land.’
Vijf jaar gevangenisstraf
Tijdens ons telefoongesprek klinkt vader Younes rustig en beheerst. Op de vraag hoe hij zich voelt, moet hij even lachen. ‘Dat valt niet uit te leggen’, zegt hij.
Maar een dag later vertellen zijn berichten een ander verhaal. Het verdriet en de wanhoop die hij eerder zo goed wist te bedwingen, sijpelen door in zijn woorden. Hij ziet geen uitweg en maakt zich zorgen over de gezondheid van zijn zoon. Diens vonnis van vijf jaar gevangenisstraf is inmiddels ook in hoger beroep bevestigd. De advocaten staan met lege handen.
Younes beschrijft hoe de arrestatie van zijn zoon verliep. Eind september vielen ongeveer twaalf agenten in burger het huis van Karims grootouders binnen. Ze hadden volgens Younes geen huiszoekingsbevel. Karim werd in de boeien geslagen en de agenten namen zijn laptop, telefoon en bankkaart mee. Bij het plaatselijke politiebureau trof Younes hem aan. ‘Er stonden zo'n twintig agenten om hem heen terwijl hij geboeid was en huilde.’ Karim werd bijna vijf uur lang verhoord.
De dag na zijn verhoor werd Karim overgebracht naar Casablanca, honderden kilometers ten noorden van waar het gezin woont. Zijn ouders achtervolgden hem in een auto, een reis van meer dan tien uur. Na drie dagen werd hij vastgezet in een gevangenis in Casablanca.
Familieleden van de zogenoemde Gen Z-gevangenen mogen hen wekelijks bezoeken, maar die reis was voor Younes de afgelopen maanden onoverkomelijk lang. Andere familieleden die dichter bij de gevangenis wonen, gingen in zijn plaats. De omstandigheden waaronder Karim vastzat, waren zwaar. ‘De eerste dagen sliep hij op de grond. Bewakers spraken hem grof toe: ‘Jij bent een verrader, je verdient dit.’
Younes doet zijn uiterste best om voor zijn zoon te zorgen. Academische boeken werden geweigerd, dus kocht hij literaire romans waar Karim de tijd mee kon doorbrengen. ‘Ik stuurde hem drie dekens van zijde en wol, kleren en schoenen. Ondergoed was verboden.’ Maar het meeste werd hem keer op keer afgepakt door andere gedetineerden. ‘De bewakers die banden onderhielden met bepaalde gevangenen grepen niet in. We maken ons zorgen dat hij op een dag mishandeld wordt door andere gedetineerden.’
Veel families van gevangenen zijn bang om hun verhaal te doen, bang dat de overheid wraak zal nemen. Een broer van een andere gevangene schrijft. ‘Ik heb eerder met de pers gepraat maar dat kan niet meer, ik heb indirecte bedreigingen gehad dat ik moet zwijgen.’
Daarom zijn ook de namen van Younes en Karim voor dit artikel veranderd en laten we andere details weg die hun identiteit zouden kunnen onthullen, om de veiligheid van de betrokkenen te waarborgen.
Families van dodelijke slachtoffers opgepakt
Zelfs de families van de dodelijke slachtoffers die vielen tijdens de Gen Z-demonstraties wordt het zwijgen opgelegd.
Begin december kwamen drie jonge mannen door politiekogels om het leven. Toen zes van hun nabestaanden protesteerden voor het gebouw van het Openbaar Ministerie in Rabat, werden die gearresteerd. Onder hen twee minderjarige zusjes van de slachtoffers. Zussen en moeders droegen T-shirts met de tekst: 'Rechtvaardigheid voor de slachtoffers'.
Op een filmpje is te zien hoe de vaders weigeren met de agenten mee te gaan, terwijl hun echtgenotes en de zusjes hen proberen te kalmeren. Uiteindelijk worden ze allemaal in politiebusjes afgevoerd. Affiches met de gezichten van hun zonen worden uit hun handen gerukt. Een paar uur later worden ze vrijgelaten, met de opdracht Rabat te verlaten.
Twee dagen later gaan de families opnieuw de straat op, dit keer met gekruiste tape over hun mond. Een boodschap aan de Marokkaanse autoriteiten dat ze, ondanks de gevolgen, gerechtigheid blijven eisen.
Buitensporig geweld
Op 1 oktober, na bijna een week van straatprotesten, liep het mis in het stadje Lqliâa, bij de zuidelijke kustplaats Agadir., met fatale gevolgen. Drie jonge mannen, Abdessamade, Mohamed en Abdelhakim, kwamen toen om het leven. Veertien anderen raakten gewond, onder wie een twaalfjarige en een veertienjarige met ernstige schotwonden. De autoriteiten stelden dat agenten handelden uit zelfverdediging nadat jongeren zouden hebben geprobeerd om het politiebureau te bestormen.
Volgens AMDH werden alle gewonden in ziekenhuizen onder strikte detentiemaatregelen geplaatst, zonder recht op bezoek. Onderzoek door AMDH en de Franse krant Le Monde toonde aan dat de autoriteiten buitensporig geweld gebruikten en dat de overledenen zich op meer dan honderd meter van het politiegebouw bevonden. Vijf maanden later hebben de autoriteiten nog steeds geen onafhankelijk onderzoek ingesteld en zijn de verantwoordelijken niet vervolgd.
Omdat een officieel onafhankelijk onderzoek uitblijft, nemen de families het heft in eigen handen. Zowel de vader van Mohamed als die van Abdessamade analyseren op hun persoonlijke Instagram-accounts videobeelden van de beschietingen, waaruit zij afleiden dat de jongens zich op grote afstand van het geweld bevonden en dus niets te maken hadden met een aanval op het politiebureau.
De vader van Abdessamade, die taxichauffeur was, heeft zijn leven sinds de gebeurtenissen in dienst gesteld van de zoektocht naar gerechtigheid. Hij reist van stad naar stad om officiële instanties te bezoeken, maar stuit telkens op een gesloten deur. ‘Tot op de dag van vandaag vecht mijn vader voor een eerlijk en transparant onderzoek’, vertelt zijn zoon Ayoub Oubalat aan MO*. ‘Hij krijgt het ene na het andere excuus naar zijn hoofd geslingerd.’
Ook de gruwelijke beelden van de neergeschoten jongens worden vaak gedeeld. ‘Kijk, dit is mijn broer’, zegt Hajar Erhali, het zeventienjarige zusje van Mohamed, via WhatsApp. ‘Hier ligt hij op straat.’ Het levenloze lichaam van de slanke jongen ligt in een plas bloed. Zijn wijd geopende ogen staren in het niets. ‘Hij was zo zorgzaam’, antwoordt ze op de vraag wat ze het meest mist aan haar broer. ‘Hij was kapper en werkte heel hard. Toen mijn telefoon kapot was, verraste hij me met een nieuwe.’
De maanden na zijn dood waren zwaar voor het hele gezin. ‘We kunnen het maar moeilijk verwerken. Mijn jongere broer en ik hebben zelfs tijdelijk onze studie onderbroken’, vertelt Hajar. De leegte die Mohamed achterliet, is het meest voelbaar tijdens de ramadan nu. ‘We zien de plek van mijn broer leeg aan tafel, en de triestheid hangt als een sluier over het iftareten. Voor het eten komen we samen en bidden we voor mijn broer.’
Even later stuurt ze nog een bericht. ‘We kijken naar zijn foto om te voelen dat hij nog steeds bij ons is.’
Geen vrije pers meer
Al jaren neemt de repressie in Marokko toe, en daarmee ook de druk op Marokkaanse journalisten gestaag toe. ‘Vrijheid is voor een journalist als water voor een vis, maar vandaag bestaat er geen vrijheid voor journalisten in Marokko,’ zegt de prominente Marokkaanse journalist Taoufik Bouachrine.
In 2019 werd hij veroordeeld tot vijftien jaar cel wegens mensenhandel en seksuele uitbuiting. Volgens de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties zijn die beschuldigingen verzonnen en bedoeld om hem de mond te snoeren vanwege zijn onthullingen over corruptie en machtsmisbruik. In 2024 kwam hij vrij na vijf jaar in de gevangenis, dankzij een koninklijk pardon.
Bouachrines gevangenschap volgde op een bredere golf van repressie in de nasleep van de Rif-opstand van 2016 en 2017. Journalisten die kritiek uitten op het regime verdwenen toen massaal achter de tralies. Ook andere prominente stemmen, zoals Soulaimane Raissouni, Hamid El Mahdaoui en Omar Radi, belandden jarenlang in de gevangenis. Inmiddels zijn ze vrijgelaten, maar de rechtszaken blijven hen achtervolgen.

Vervlogen hoop
Dit alles is een breuk met de voorzichtige hoop die opleefde toen koning Mohammed VI in 1999 zijn vader Hassan II opvolgde. Diens bewind was gekend om zijn harde repressie. Aanvankelijk leken journalisten onder de nieuwe vorst iets meer ademruimte te krijgen.
Maar die marge verdween na de Arabische Lente, die in Marokko haar eigen gezicht kende in de 20 februari-beweging. Koning Mohammed probeerde de protestbeweging te bezweren met grootse beloften over democratische hervormingen en een nieuwe grondwet. Wat er in werkelijkheid volgde, stelde zwaar teleur. In de jaren na de opstand namen repressie en mensenrechtenschendingen juist toe.
‘Deze droom vervloog in minder dan een decennium,' zegt Bouachrine, 'toen de autoritaire benadering van de media uiteindelijk de overhand kreeg. Uit angst dat de pers de Marokkanen de ogen zou openen.’
Het jaarverslag over 2025 van Human Rights Watch bevestigt dat beeld: de Marokkaanse autoriteiten hebben hun druk op activisten, journalisten en mensenrechtenverdedigers verder opgevoerd. De Marokkaans-Franse historicus en journalist Maati Monjib spreekt over een historisch dieptepunt. ‘In de afgelopen dertig jaar is de persvrijheid in Marokko nog nooit zo slecht geweest,’ zegt hij.
In december publiceerde journalist Hamid El Mahdaoui een bijna twee uur durende geluidsopname die een schokgolf door het land deed gaan. De opname was van een vergadering van de ethische commissie van de Marokkaanse Persraad en er blijkt corruptie en machtsmisbruik uit, net binnen het orgaan dat journalistieke integriteit moet bewaken. El Mahdaoui, die eerder al drie jaar vastzat na zijn berichtgeving over de Rif-protesten, werd in een nieuwe rechtszaak veroordeeld tot 18 maanden cel en een boete van 1,5 miljoen dirham (zo'n 140.000 euro, red.) wegens belediging van de minister van Justitie. Hij gaat in beroep.
Monjib wijst erop dat de traditionele rode lijnen voor journalisten altijd bekend waren: kritiek op de islam, de monarchie of de Westelijke Sahara. Wat nu veranderd is, is de reikwijdte van de repressie. ‘De vervolging van El Mahdaoui draait om kritiek op een minister en het politieke systeem, niet op de monarchie. Dat toont hoe breed de repressie inmiddels is geworden.’ Monjib weet zelf hoe dat voelt: zijn bankrekeningen blijven bevroren en hij mag niet reizen of werken.
Intussen wachten de families van de meer dan 1000 jongeren die gearresteerd werden tijdens de Gen Z-demonstraties nog altijd op hun vrijlating. Karim, de zoon van Younes, zit sinds kort in een gevangenis nabij Marrakesh, waar hij de ruimte deelt met dertig anderen.
Zijn vader blijft ondanks het definitieve vonnis hopen op een wonder: de vervroegde vrijlating van zijn zoon. ‘Hij is onschuldig. Het is ondenkbaar dat hij vastzit voor iets dat hij nooit heeft gedaan. We willen niets liever dan dat hij zijn technische master kan afmaken en daarna zijn droom kan waarmaken: een doctoraat behalen.’
*Younes en Karim zijn schuilnamen, om de veiligheid van de betrokkenen te waarborgen.
Lees meer over Marokko
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in



