Stabiliseren van Tigray kan dreiging indijken
Staan Ethiopië en Eritrea op de rand van een nieuwe oorlog?
Leden van de Ethiopische politie patrouilleren in Mekelle, de regionale hoofdstad van Tigray, nadat het TPLF zich heeft teruggetrokken.
© Reuters
Leden van de Ethiopische politie patrouilleren in Mekelle, de regionale hoofdstad van Tigray, nadat het TPLF zich heeft teruggetrokken.
© Reuters
Tom Claes & Yared F.*
15 oktober 2026 • 16 min leestijd
Terwijl de gevechten tussen het Ethiopische leger en het Tigray People’s Liberation Front (TPLF) escaleren, schuift het geweld op naar de grens met Eritrea. ‘Een oorlog tussen de twee buurlanden is aannemelijk.’
‘Ik aanvaard deze prijs namens de Ethiopiërs en Eritreeërs, en in het bijzonder namens iedereen die zijn leven gaf voor de vrede.’
Abiy Ahmed klonk opvallend zelfzeker toen hij in 2019 de Nobelprijs voor de Vrede in ontvangst nam. Hij was nochtans amper een jaar eerder aangetreden als premier van Ethiopië. Maar meteen had hij de toon gezet met een ambitieuze hervormingsagenda en de belofte een einde te maken aan de vele conflicten die zijn land teisterden.
De kersverse premier wist naar eigen zeggen precies waarover hij sprak. Als jonge soldaat had hij gevochten in de bloedige grensoorlog met Eritrea, die tussen 1998 en 2000 het leven aan tienduizenden mensen kostte. Aan het front had hij met eigen ogen de gruwel van de oorlog gezien, vertelde hij in zijn Nobelprijstoespraak. ‘Sommigen hebben nog nooit oorlog meegemaakt, maar verheerlijken hem en romantiseren hem.’
De oorlog had diepe wonden geslagen tussen de twee landen. Ook na het staakt-het-vuren van 2000 bleven Ethiopië en Eritrea bijna twee decennia lang op voet van oorlog leven. Tot Abiy Ahmed aan de macht kwam en vrede sloot met de Eritrese president Isaias Afewerki. Deze opmerkelijke demarche leverde hem de hoogste vredesprijs op. Maar een Nobelprijs bleek geen garantie voor vrede en een jaar later zou hij zelf op oorlogspad gaan.
In 2020 sloegen Abiy Ahmed en Isaias Afewerki de handen in elkaar voor een offensief tegen de opstandige regio Tigray, in het noorden van Ethiopië. Hun gemeenschappelijke vijand: het Tigray People’s Liberation Front (TPLF), dat in 1991 het marxistisch-leninistische Derg-regime ten val had gebracht.
Hoewel de Tigrayers slechts een kleine minderheid van de bevolking vertegenwoordigen, zou het TPLF decennialang een stevige greep houden op het politieke en militaire apparaat in Ethiopië. Abiy Ahmed wilde die macht definitief breken, Isaias zag op zijn beurt een kans om af te rekenen met de partij die hij verantwoordelijk hield voor de grensoorlog van 1998-2000.
Het geweld van het Ethiopisch-Eritrees offensief was van meet af aan meedogenloos: burgers werden opgepakt en afgeslacht, vrouwen werden bijeengedreven en systematisch verkracht. In West-Tigray werden bijna een miljoen Tigrayers door milities van de aangrenzende regio Amhara van hun land verdreven. Naar schatting 300.000 tot 600.000 mensen zijn omgekomen door geweld, honger en ontbering. Het was een van de meest onderbelichte en tegelijk gruwelijkste oorlogen van de 21ste eeuw.
In november 2022 sloten het TPLF en de Ethiopische regering een vredesakkoord in het Zuid-Afrikaanse Pretoria. Hoewel dat een einde maakte aan de grootschalige gevechten, bleven veel geschilpunten onopgelost. De strijd om de politieke toekomst van Tigray bijvoorbeeld, maar ook de terugkeer van ontheemden en de controle over betwiste gebieden bleef de gespannen verhouding tussen het TPLF en de federale regering tekenen.
Geen draagvlak
Vandaag is Tigray opnieuw in een oorlog gestort. Volgens getuigen die we spraken in Mekelle, de regionale hoofdstad van Tigray, begon het gewapende conflict op 22 september, omstreeks 3 uur ’s nachts. Strijders van de Tigray Defense Forces (TDF) – zeg maar de gewapende vleugel van het TPLF – namen toen de controle over van drie luchthavens in Tigray.
Enkele dagen eerder, op 20 september, had het TPLF samen met zes andere groepen de ‘Alliance for Survival’ aangekondigd, een samenwerkingsverband dat als doel heeft de regering van premier Abiy Ahmed ten val te brengen. Bij deze alliantie hebben ook de Eritreeërs zich aangesloten.
Ethiopian Peoples’ Forces Alliance for Survival (EPFAS)
De alliantie van strijdkrachten die zich verzetten tegen de regering van premier Abiy Ahmed in Addis Abeba bestaat momenteel uit zeven gewapende organisaties:
Tigray Defence Forces (TDF)
Amhara Fano National Movement (AFNM)
Afar Revolutionary Democratic Unity Front (Ugugumo)
Oromo Liberation Army (OLA)
Ogaden National Liberation Front (ONLF)
Benishangul Peoples’ Liberation Movement
Gumuz Peoples’ Democratic Movement
‘De Alliance for Survival is een los samenwerkingsverband’, merkt mensenrechtenadvocaat Getachew Temare op. ‘Het TPLF/TDF kan rekenen op bondgenoten binnen en buiten Ethiopië en heeft mogelijk toegang tot routes om wapens en andere voorraden aan te voeren, ook vanuit Eritrea. Maar deze alliantie heeft geen uitgewerkte commandostructuur of gezamenlijk militair plan.’
De belangrijkste les die we voorlopig uit deze alliantie kunnen trekken, zegt Temare, is dat de betrokken groepen op zijn minst een zekere verstandhouding lijken te hebben bereikt om niet met elkaar in oorlog te gaan. ‘Of dat voldoende is om de samenwerking verder uit te bouwen, valt nog te bezien. Voorlopig heeft de alliantie weinig concrete vooruitgang geboekt.’
De alliantie heeft inderdaad tot dusver vooral militaire nederlagen geleden, althans in de regio Tigray. Hoe de situatie in de regio Amhara is, is vooralsnog moeilijk in te schatten.
Het Ethiopische leger heeft intussen zonder veel noemenswaardige veldslagen de controle overgenomen in de grootste steden van Tigray, waaronder Adwa, nabij de grens met Eritrea. Eerder, op 3 oktober, had het al de regionale hoofdstad Mekelle ingenomen.
Dat het TPLF/TDF zich tamelijk snel moest terugtrekken in Tigray heeft niet alleen te maken met de overmacht in de lucht van het Ethiopische leger, maar voor een stuk ook met een gebrek aan draagkracht onder de lokale bevolking. De oorlog in 2020-2022 werd door een groot deel van de Tigrayers gezien als een existentiële strijd. Daardoor wist het TPLF velen te mobiliseren, zelfs oppositiegroepen die in het verleden openlijk de partij hadden bekritiseerd.
Vandaag is de situatie helemaal anders. Op het platteland is het voorlopig nog te vroeg om in te schatten hoe sterk de aanhang nog is van het TPLF. Maar in de steden uiten vooral jongeren felle kritiek op de corruptie en de repressie van het TPLF. Ze roepen ook om gerechtigheid voor de mensenrechtenschendingen die werden begaan in de oorlog van 2022.
‘Ik heb er weinig vertrouwen in dat er gerechtigheid komt voor deze misdaden’ vertelt Atakilti*. ‘Tenzij de internationale gemeenschap betrokken wordt om een echt onafhankelijk en evenwichtig onderzoek te waarborgen.’
Dat benadrukt ook Getachew Temare: ‘Overgangsjustitie zou een integraal onderdeel moeten zijn van het herstel van Tigray. De internationale gemeenschap, en in het bijzonder de Europese Unie, de Verenigde Staten en andere grootmachten, moeten een actievere rol spelen bij het tot stand brengen van een onafhankelijk en geloofwaardig proces. De regering in Addis Abeba heeft tot dusver weinig bereidheid getoond om werk te maken van een onafhankelijk en alomvattend onderzoek naar de oorlogsmisdaden en mensenrechtenschendingen, dat recht doet aan de omvang van het geweld.’
Zonder aanhoudende internationale betrokkenheid dreigt de zoektocht naar gerechtigheid selectief te worden of politiek gestuurd, zegt Temare. ‘Een geloofwaardig proces, gericht op waarheidsvinding, gerechtelijke verantwoording, herstelbetalingen, de betrokkenheid van slachtoffers en institutionele hervormingen, kan niet alleen het leed en de grieven van de bevolking van Tigray helpen erkennen en aanpakken. Het kan ook bijdragen aan het voorkomen van een nieuw conflict en aan duurzame stabiliteit in Ethiopië en de bredere Hoorn van Afrika.’
Atakilti betwijfelt dat de Ethiopische regering bereid zou zijn om zo’n onderzoek te steunen, aangezien de vermeende misdaden plaatsvonden onder haar bewind. Tegelijkertijd uit hij kritiek op het verdreven TPLF-bestuur van Tigray. Volgens hem onderdrukte dat de bevolking, onder meer door gedwongen rekrutering onder jonge mannen.
Wel mag de opluchting die sommige inwoners uitten na het einde van het TPLF-bestuur niet worden verward met steun voor de Ethiopische Nationale Defensiemacht (ENDF), zegt Atakilti. ‘De mensen zijn vooral opgelucht dat het TPLF verdwenen is, maar daarom steunen ze nog niet de regering van Abiy Ahmed. Ze hebben gewoon weinig keuze.’
Net zo belangrijk als verklaring waarom het TPLF op het eerste gezicht militaire klappen krijgt in Tigray, is dat het politieke en militaire landschap in de regio is versnipperd. Dat heeft zijn slagkracht danig verzwakt.
In maart 2025 zette het TPLF Getachew Reda aan de kant, de eerste interim-bestuurder van Tigray na de oorlog van 2020-2022. Reda had namens de TPLF mee onderhandeld over het Pretoria-akkoord en was boven partijvoorzitter Debretsion Gebremichael verkozen.
Volgens het TPLF onderhield Reda te nauwe banden met de federale regering en verdedigde hij de belangen van Tigray onvoldoende. Reda vluchtte daarop naar Addis Abeba, waar hij zich aansloot bij de regering van Abiy Ahmed en vandaag gelinkt wordt aan de Tigray Peace Forces (TPF). Op zijn beurt voert Debretsion Gebremichael het TPLF/TDF aan.
‘Er is niet alleen de interne verdeeldheid, maar ook het verlies van belangrijke militaire kopstukken die over heel wat strategische kennis en ervaring beschikken’, merkt Getachew Temare op. ‘Sommigen bevinden zich niet alleen in Addis Abeba, ze kunnen de TPF in Tigray helpen. Ik denk niet dat het TPLF/TDF van Debretsion Gebremichael kan beweren dat het op vlak van militaire ervaring of expertise superieur is.’

Soldaten van de Tigray Peace Forces zijn op weg naar het hoofdkwartier van de regionale politie.
© Yared F.
Humanitaire gevolgen
De gevolgen van de oorlog lieten zich bijna meteen voelen. Op 24 september, rond 22.45 uur, zou het TPLF de communicatie hebben platgelegd in de zuidelijke en oostelijke zones van de regio, en in Mekelle. Deze informatie kon niet onafhankelijk worden bevestigd. In andere delen van de regio bleef communicatie volgens bronnen mogelijk tot 4 oktober, toen het federale leger de controle over Mekelle overnam.
De communicatiestoring kwam boven op een al nijpend tekort aan contant geld. Volgens inwoners van Mekelle zaten de banken in de regio al meer dan tien maanden zonder cash. Daardoor waren veel mensen voor hun dagelijkse betalingen afhankelijk geworden van mobiel bankieren. Toen de communicatielijnen werden afgesneden konden ze plots geen geld meer opnemen of overschrijven via de gebruikelijke mobiele diensten.
‘We konden zelfs geen boodschappen doen en hadden niets om onze kinderen te eten te geven’, vertellen getuigen die anoniem wensen te blijven. Ze beschreven hoe zwaar gezinnen het tijdens de storing te verduren kregen.
Daarnaast, merkt inwoner Nigus* op, moet er dringend noodhulp komen voor de intern ontheemden, die tijdens de vorige oorlog uit hun huizen zijn verdreven. Die zouden volgens hem tot nu toe slechts zeer beperkte steun hebben ontvangen.
Chaos
In de nacht van 2 oktober kondigde het TPLF aan Mekelle te verlaten en zijn militaire strategie te wijzigen: het zou de conventionele oorlogsvoering inruilen voor guerrillatactieken. De terugtrekking van het TPLF uit Mekelle verliep volgens verschillende getuigen die we spraken bijzonder chaotisch.
Verschillende mensen vertelden ons over plunderingen en gewapende bendes die de stad terroriseren. Getuigen zagen mensen op motorfietsen rondrijden terwijl ze met AK-47-geweren schoten en traangas gebruikten. Ook jongeren, van wie sommigen amper dertien jaar oud, liepen rond met een AK-47. De wapens zouden zijn achtergelaten in politiebureaus verspreid over de stad en in het hoofdkwartier van de regionale politie, maar dat kan niet onafhankelijk worden bevestigd. Tijdens de terugtrekking van het TPLF zouden ook gevangenen zijn vrijgelaten.
Ook overheidsgebouwen zouden zijn geplunderd, maar de omvang van de schade en het aantal getroffen overheidsgebouwen konden niet onafhankelijk worden vastgesteld.
Inwoner Welday* omschreef de situatie als ‘een hel’. ‘Het is bijzonder triest om dit te zien gebeuren. Mensen werden op klaarlichte dag onder schot beroofd’, vertelt hij.
Veel inwoners verschansten zich in hun huizen. Ze vreesden dat ze zouden worden neergeschoten of beroofd als ze naar buiten gingen. Een groot deel van de dag leek Mekelle feitelijk in handen van gewapende groepen die plunderden, zonder dat er een herkenbare overheidsinstantie was die de openbare orde handhaafde.
Nochtans is het herstellen van de veiligheid in de gebieden die onder de controle staan van het Ethiopische nationale leger en de Tigray Peace Forces een voorname prioriteit, ziet Getachew Temare: ‘Als de veiligheid daar herstelt, kan de bevolking op een bepaald moment denken: we willen geen oorlog, maar als we veilig zijn, kunnen we tenminste verder met ons leven. Als de anarchie zich daarentegen verder verspreidt, vooral in de grote steden, danvolstaat het niet dat de regering of de vredestroepen bepaalde gebieden veroveren.’
Ongemakkelijke bondgenootschappen
Sinds het uitbreken van de gevechten is het risico op een rechtstreekse oorlog tussen Ethiopië en Eritrea sterk toegenomen. De relaties tussen de twee landen waren de voorbije jaren al verslechterd door onenigheid over de regionale veiligheid en de uitgesproken ambitie van Ethiopië om toegang tot de Rode Zee te krijgen.
Abiy Ahmed stelde meermaals dat zijn land historische aanspraken maakt op de Rode Zeekust, die het verloor toen Eritrea zich in 1993 afscheurde van Ethiopië. Sindsdien is Ethiopië voor zijn zeehandel vrijwel volledig afhankelijk van de republiek Djibouti.
Hoewel premier Ahmed steeds heeft benadrukt dat hij de zeetoegang via diplomatieke weg wil verkrijgen, ziet Eritrea die retoriek als een dreiging met een gewapende inname van zijn kustgebied, vooral de zuidelijke havenstad Assab.
Het Eritrese regime beschouwde een Tigray onder controle van het TPLF als een buffer tegen Ethiopië en als een militair tegenwicht voor Addis Abeba. Het TPLF wilde op zijn beurt een einde maken aan het isolement waarin het tijdens de oorlog van 2020-2022 terecht was gekomen. Dat helpt deels te verklaren waarom voormalige vijanden bondgenoten werden.
Inwoner Nigus* vreest dat de oplopende spanningen tussen Ethiopië en Eritrea opnieuw tot een oorlog kunnen leiden. ‘Er zou een oorlog met Eritrea kunnen uitbreken, en ik vrees dat die zich in Tigray zal afspelen. Ik wil vooral niet dat Tigray opnieuw een slagveld wordt. Uiteindelijk is het mijn volk dat de slachtoffers van die oorlog zal moeten betreuren. Als Ethiopië toegang tot de zee wil, heb ik daar op zich geen probleem mee’, zegt hij.
Ook mensenrechtenadvocaat Getachew Temare acht de kans op een conflict tussen Ethiopië en Eritrea aannemelijk. ‘Eritrese troepen zijn diep doorgedrongen in Tigray, tot in gebieden die ze eerder niet controleerden. Aanvankelijk wilden ze Tigray als strijdtoneel gebruiken en de gevechten mogelijk uitbreiden naar Addis Abeba of delen van de aangrenzende regio Amhara. Dat plan lijkt mislukt. Nu lijken ze rechtstreeks tussenbeide te komen en de Tigrayse strijdkrachten en andere gewapende groepen van de Alliance of Survival te steunen.’
Intussen zouden Eritrese konvooien zich hebben teruggetrokken uit Adigrat en andere delen van Tigray. ‘Mogelijk speelt de inzet van Ethiopische drones tussen Wukro en Adigrat daarbij een rol’, zegt Temare. ‘Het Eritrese regime lijkt niet langer sterk genoeg om het verloop van de oorlog fundamenteel te veranderen. Maar zijn betrokkenheid zal het conflict verder compliceren en de humanitaire ramp in Tigray vergroten.’
Die ramp zou snel kunnen overslaan naar de buurlanden. De relaties tussen de Ethiopische regering en het Soedanese regeringsleger zijn bijvoorbeeld erg gespannen, vanwege steun aan de rivaliserende paramilitaire groep Rapid Support Forces (RSF). Met Egypte ligt Addis Abeba dan weer in de knoop vanwege de Grand Ethiopian Renaissance Dam, wat Caïro beschouwt als een existentiële bedreiging voor zijn watervoorziening.
Sommige analisten waarschuwen daarom voor een soort grootscheepse oorlog, waarbij buurlanden en regionale spelers als Soedan, Somalië en Jemen in het conflict worden meegesleurd. Maar dat is volgens Temare een te verregaande analyse. ‘De geopolitieke spanningen in de Hoorn van Afrika en het Midden-Oosten lopen op, mee door de rol van regionale machten uit de Golf’, zegt hij. ‘Maar landen als Egypte, Soedan, Ethiopië, Eritrea en Zuid-Soedan kampen zelf met grote interne problemen.’
Diplomaten en experts in conflictbemiddeling en vredesopbouw moeten daarom ook voldoende oog hebben voor een andere aanpak, besluit Temare: de stabilisering van Tigray kan ook de spanningen tussen Ethiopië, Eritrea en Egypte helpen verminderen. En daarvoor is meer nodig dan diplomatieke gesprekken en politieke verklaringen.
‘Economisch herstel en druk op de Ethiopische regering om Tigray opnieuw politieke zeggenschap te geven en volwaardig in het federale bestuur te integreren, zijn cruciaal. Net zoals werk maken van een geloofwaardig proces van overgangsjustitie, waarbij de internationale gemeenschap een actieve rol speelt. Zo kan de stabilisering van Tigray ook de bredere dreigingen in de Hoorn van Afrika helpen indijken.’
*Om veiligheidsredenen worden de getuigen in dit stuk alleen met hun voornaam genoemd. De co-auteur gebruikt een pseudoniem. Alle echte namen zijn bekend bij de redactie.
Verder lezen over Ethiopië en Tigray?
Word proMO*
MO* heeft geen betaalmuur en is er voor iederéén. Dat kan alleen dankzij de steun van proMO*s, want diepgravende journalistiek kost tijd en geld.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in


