Waarom ergeren we ons aan een buur die zijn gras laat groeien? Waarom noemen we een strak gazon verzorgd, en een bloeiende wildernis verwaarloosd? Vijf jaar geleden beslooten Dieter Meeuwis met zijn vzw Plukgeluk om een stuk gazon op Linkeroever niet meer te maaien. Vandaag is Lekkeroever één van de mooiste plekjes geworden, vol leven, kleur en ontmoetingen.
Het kortgeknipt gazon heeft zijn wortels in de Engelse aristocratie. Alleen de rijken konden zich permitteren land te hebben dat niets opbracht. Geen groenten, geen vee, enkel vertoon. Die logica sloop de Vlaamse voortuinen in, samen met een moreel oordeel.
De buur die zijn gras niet maait, wordt gezien als lui, nalatig, misschien een beetje verdacht. De pelouse werd een spiegel van je karakter. We noemen ze verzorgd, maar in feite is het een litteken dat we week na week met geweld opnieuw opensnijden.
Die spanning tussen cultuur en natuur is zo oud als de beschaving zelf. Maar is zelden zo zichtbaar als in een voortuin.
In 2019 besloten we met de vzw Plukgeluk, midden in een sociale woonwijk op Linkeroever, om die logica bewust te doorbreken. Vanuit een groeiend besef dat onze openbare ruimte ecologisch én sociaal verarmd was geraakt.
Grote grasvlaktes lagen er perfect gemaaid bij, maar voelden leeg aan. Kinderen leerden nog nauwelijks wat er leefde onder hun voeten. Veel volwassenen zagen “gras” als het verlengde van hun woonkamer. Netjes en proper.
Dat jaar brak ook “Maai Mei Niet” door. In het begin leek het bijna een provocatie aan het adres van de Vlaamse burgerlijkheid, maar al snel werd het iets groters: een collectieve toestemming om los te laten.
Ook wij lieten los… en dan kwam corona. De natuur die we wilden temmen, liet zich niet temmen, maar plots temde ze ons. We moesten ons opsluiten en met mondjesmaat mochten we terug meer. Mensen gingen massaal wandelen uit noodzaak.
En ergens in die gedwongen traagheid vonden velen iets terug wat ze niet wisten te missen: een soort nederigheid. Misschien was verwildering nog niet zo gek?
Nu, meer dan vijf jaar later, is Lekkeroever één van de mooiste plekken van de wijk geworden. Samen met de natuur veranderde ook de blik. De waardering groeide samen met de zichtbare toename van leven.
De weerstand tegen verwildering ging nooit alleen over gras. Ze ging over verlies van controle, angst voor het ongeordende, vervreemding van ecologische processen en een esthetiek die leven verwart met slordigheid. Wie vluchtig kijkt, ziet enkel onkruid. Wie langer blijft, ontdekt patronen, samenwerking en intelligentie.
Ergens onderweg zijn we schoonheid steeds meer gaan verwarren met controle. Met gladheid. Met voorspelbaarheid. Zoals plastische chirurgie gezichten ontdoet van sporen van tijd en eigenheid, proberen we ook landschappen te ontdoen van wildheid, vergankelijkheid en kwetsbaarheid. We willen natuur, maar liefst wel proper, rustig en beheersbaar.
Een strak gazon oogt dan wel ordelijk en geruststellend, tegelijk maskeert het veel. Het verbergt droogte, bodemarmoede, insectensterfte en de afwezigheid van biodiversiteit. Het toont nauwelijks de strijd om licht en water, de seizoensverandering, geboorte of verval.
Levende natuur toont haar kwetsbaarheid wel
Achter vergankelijkheid zit meer leven dan achter de stilstand van perfectie. Een gazon heeft niets regeneratiefs, het is louter extractief. Maaisel moet afgevoerd, maaien kost energie en tijd en verwoest 90% van al het leven in het gras.
Een verwilderde plek laat dus processen zichtbaar worden die we in onze samenleving liever uitwissen.
Waar levende natuur verval omzet in nieuw leven, probeert het gazon verval koste wat kost onzichtbaar te maken. Een levend ecosysteem regenereert vanuit relaties. Een gazon blijft bestaan dankzij controle.
Een verwilderde plek laat dus processen zichtbaar worden die we in onze samenleving liever uitwissen: verdorde stengels, modder, vraatsporen, kale plekken, sterfte én herstel. Ze toont dat leven niet lineair is, maar cyclisch. Niet perfect, of af maar voortdurend in beweging.
Wanneer immers natuur opnieuw zichtbaar wordt, worden ook afhankelijkheid en vergankelijkheid zichtbaar. Dan beseffen we dat een landschap niet gemaakt wordt door machines, maar door tijd, bodemleven, insecten, regen, schimmels en geduld. En net dat geduld zijn we grotendeels kwijtgeraakt.
Misschien wringt het ook daarom zo sterk in onze cultuur: omdat we onafhankelijkheid zijn gaan idealiseren. Controle, zelfredzaamheid, efficiëntie en autonomie gelden als succes. Afhankelijkheid wordt gezien als zwakte, maar in een levend ecosysteem blijkt net het omgekeerde waar: hoe meer relaties, hoe groter de afhankelijkheid, hoe meer wisselwerking, hoe groter de veerkracht.
Een strak gazon wekt de illusie van autonomie. Het lijkt volledig gecontroleerd, losgemaakt van seizoenen, bodemleven, insecten en tijd. Alsof het vanzelf bestaat.
Maar een levende, verwilderde plek toont voortdurend relaties: bloemen die afhankelijk zijn van bestuivers, bodem die afhankelijk is van schimmels en bacteriën, vogels die afhankelijk zijn van insecten en uiteindelijk ook wijzelf, afhankelijk van al dat leven.
Dat voel je ook lichamelijk op zulke plekken. Mensen vertragen. Kinderen worden aandachtiger. Gesprekken ontstaan spontaner. Omdat levende omgevingen ons herinneren aan iets wat we grotendeels vergeten zijn: dat leven altijd wederzijds is en dat we wat meer kwetsbaar mogen zijn.
Wie langer kijkt, merkt dat niets echt op zichzelf bestaat.
Zorg begint precies daar: wanneer we de natuur niet langer vanop een afstand bewonderen, maar onze afhankelijkheid ervan opnieuw durven ervaren. Wanneer we stoppen met maaien wat wil groeien en werkelijk kijken naar wat er ontstaat. Het is onze eigen kwetsbaarheid leggen in de kwetsbaarheid van de natuur.
Wanneer we dan zeggen: ‘Dit is een verzorgde tuin’, dan verwijzen we naar herstel. Een verpleger controleert immers niet; die luistert, geeft aandacht en stimuleert wat wil genezen. Pas dan is een tuin werkelijk verzorgd.
Niets missen?
Abonneer je op (één van) onze nieuwsbrieven.

Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in




