Van Thomas Jefferson tot La Via Campesina
“‘Staatssoevereiniteit is voedselsoevereiniteit’

© Lodewijk Van Dycke | Ontwerp: MO*

© Lodewijk Van Dycke | Ontwerp: MO*
De voedselsoevereiniteitsbeweging is een bonte mengeling van organisaties die ervoor ijveren dat gemeenschappen zelf de herkomst en de toekomst van hun voedsel bepalen. Volgens onderzoeker Lodewijk Van Dycke is het de meest radicale transnationale democratische beweging van dit moment. Waarom? Omdat je het voedselsysteem niet kunt veranderen zonder meteen het kapitalisme en de staat op de schop te nemen. Daar ligt de kracht én de kwetsbaarheid van de beweging.
In de jaren 1990 vierden we allemaal, of toch zij die al geboren waren, het einde van de geschiedenis. Dat bestond erin dat we samen naar de WTO-top gingen in Seattle of de G8-top in Genua en daar op potten en pannen sloegen in protest tegen het handelsbeleid van het Westen, met name van de VS.
Het einde van de geschiedenis was namelijk gekaapt door het grootkapitaal (Big Pharma! Big Food! Big Ag!) dat, nu de Sovjetunie verdwenen was, een turbo zette op vrijhandel. Daarbij vormde de gevoelige aard van bepaalde sectoren schijnbaar geen belemmering meer. Clinton, Blair en consorten plaveiden de weg naar goedkoop voedsel ‘from nowhere’ en voor de gepatenteerde ”Frankenfood”-technologieën die daarbij hoorden.
Het postmoderne moment
In de hybris van de VS op dat beslissende moment ligt de oorsprong van het huidige wantrouwen tegenover elites, multinationals en technologieën. Dat wantrouwen werd onlangs gekaapt door extreemrechts, maar het was in de jaren 90 hoofdzakelijk radicaal-links.
Het einde van het communisme creëerde een postmodern moment van wantrouwen tegenover grote verhalen, met inbegrip van die zogezegd zaligmakende globalisering. Mensen vervreemdden in het bijzonder van artificieel voedsel en wilden liever natuurlijk, lokaal geproduceerd voedsel.
De ‘slow food’-beweging en de regels voor organische landbouw ontstonden op dat moment. Lokale koks, organische boeren en andere groepen voelden goed aan dat voedsel een van de dingen is die mensen nog mobiliseren wanneer natie, religie en ideologie daar niet meer aan toekomen.
Het belangrijkste aan de voedselsoevereiniteitsbeweging is niet haar specifieke positie tegenover een bepaalde technologie, bijvoorbeeld genetisch gemodificeerde gewassen. Vaak vind ik de posities die binnen de beweging gangbaar waren (of nog zijn) dogmatisch en moeilijk verdedigbaar.
De idee dat genetisch gemodificeerde gewassen gezondheidsrisico’s inhouden, wordt bijvoorbeeld gedeeld met Robert Kennedy, notoir vaccin-scepticus, VS-minister van Gezondheid en roerganger van Make America Healthy Again (MAHA). De discussie rond genetische modificatie toont dat postmoderne discussies over voedsel ons niet alleen politiek kan verenigen, maar ook kan verdelen.
De boerenbeweging
Het belangrijkste aan de voedselsoevereiniteitsbeweging is haar radicale ondergraving van de macht van de staat en de bedrijfswereld om ons leven vorm te geven, waarbij een kleine minderheid fundamentele technologische kan keuzes maken – nietwaar, OpenAI en Anthropic? – waar we allemaal de gevolgen van dragen.
De beweging daagt de staat uit en eist de soevereiniteit over voedsel op voor de gemeenschap. Dat is letterlijk waar de naam voor staat. Die radicale doelstelling wordt het meeste duidelijk vanuit het perspectief van de voornaamste stroming binnen de beweging, de kleinschalige boeren.
In de vroege jaren 90 werd nota bene in het Belgische Bergen La Via Campesina in het leven geroepen, een transnationale beweging van de rurale allerarmsten: keuterboeren, landloze arbeiders, herders, jagers, verzamelaars, nomaden. Terwijl de beweging eerst nog opereerde in het kader van een nationaal recht op voedselsoevereiniteit, verloren ze al snel hun vertrouwen in de postkoloniale, maar niet de-koloniale regeringen in het globale Zuiden en trokken ze de kar van voedselsoevereiniteit voor gemeenschappen in een besliste verwerping van het moderne ontwikkelingsproject. In die zin zijn ze de voornaamste erfgenamen van de meest grondige vleugel van de anti-koloniale bevrijdingsbeweging.
Het parcours van La Via Campesina over de voorbije dertig jaar is ronduit indrukwekkend voor zo’n onwaarschijnlijk onwaarschijnlijke coalitie: van de Verklaring van Nyeleni in 2007 (na een zelf georganiseerde internationale top in een speciaal gecreëerd dorp in het midden van de Malinese woestijn), over het omarmen van agro-ecologie als de productiemethode, over het uitbouwen van het Internationale Planningscomité, een beleidsarm, tot het beïnvloeden van de VN-Verklaring voor de rechten van boeren en andere plattelandswerkers.
Samen met boze burgers uit de steden, die actie voeren voor de eiwittransitie of tegen voedselverspilling, vormt La Via Campesina de voornaamste tegenkracht in ons huidige voedselregime. Hun zelfverklaarde missie om burgers wat hun voedselvoorziening betreft weer onafhankelijk te maken van de staat en de markt grijpt terug op een politieke reflex die Thomas Jefferson, VS-President van 1801 tot 1809, het meest duidelijk verwoordde in de moderne tijd: dat burgers maar echt onafhankelijk zijn en weerstand kunnen bieden aan een despotische staat wanneer ze zelf in hun eigen voedsel kunnen voorzien. Diepe democratie en een staat die, als puntje bij paaltje komt, de voedselkraan kan dichtdraaien, gaan eigenlijk niet samen.
Het landbouwsysteem is ook een staatssysteem
Jefferson en de voedselsoevereiniteitsbeweging vormen de kern van een boek dat ik momenteel schrijf (Routledge, 2027). Daarin leg ik uit hoe Jefferson en zijn volgers finaal het pleit verloren tegen de partij die agro-industriële ontwikkeling voorstond. Natuurlijk waren grote boeren, landspeculatoren en voedingsverwerkingsbedrijven vragende partij voor agro-industriële ontwikkeling.
Tegelijk wilde ook de staat maar wat graat een nationaal landbouwsysteem invoeren omdat dat haar toestond de boerenbevolking te controleren, handelsoverschotten te boeken door voedseluitvoer en goedkoop voedsel ter beschikking te hebben voor het leger. In de context van de Amerikaanse Burgeroorlog nam het Noorden in sneltempo landbouwwetten aan die de kolonisatie van de prairies in het Westen mogelijk maakten. De belangen van de inheemse bevolking en de uitbuiting van de natuur werden daarbij, uiteraard, niet in rekening genomen.
De voedselsoevereiniteitsbeweging moet zich ervan bewust zijn dat wie het landbouwsysteem in vraag stelt, niet alleen het grootkapitaal in vraag stelt, maar ook de staat.
Die rol van de staat in het landbouwsysteem wordt wel eens vergeten sinds het einde van de geschiedenis, ook door de voedselsoevereiniteitsbeweging, die zich hoofdzakelijk tegen Big Ag en Big Food multinationals richt. Toch is de rol van de staat cruciaal. Een staat is pas soeverein wanneer haar regering haar grondgebied en haar bevolking kan controleren, dat zegt het internationale recht. De juridische soevereiniteit van de staat ligt dus besloten in de drie-eenheid van recht, mensen en land.
Onafhankelijke boeren en actiegroepen die het recht opeisen om zonder de staat te bepalen hoe de mens zich tot het land en de opbrengst van het land verhoudt, vormen dus een regelrechte aanval op de kern van de moderne, administratieve staat. Tegelijk zijn ze een aanval op het kapitalisme, omdat goedkoop voedsel de sleutel vormt tot lage lonen en dus de concurrentiekracht van bedrijven en landen.
De voedselsoevereiniteitsbeweging valt dus de entente tussen staat en grootkapitaal rechtstreeks aan, op een moment waarop die entente ons langzaam machteloos maakt, met besparingen in Europa of het roekeloos aanzwengelen van de AI-revolutie in het land van Jefferson. Op die manier is de beweging een bron van hoop.
Tegelijk moet de beweging zich ervan bewust zijn dat wie het landbouwsysteem in vraag stelt, niet alleen het grootkapitaal in vraag stelt, maar ook de staat. Goedkoop voedsel helpt arme stedelingen om het hoofd boven water te houden, terwijl de staat voor bescherming zorgt. De voedselsoevereiniteitsbeweging zou ongetwijfeld nog aan kracht winnen wanneer ze een antwoord formuleert op de paradox dat het ontmantelen van het landbouwsysteem eerst de zwakkeren raakt en dat antwoord ook helder uitdraagt.
Lees ook
Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox
Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld.
Word proMO*
MO* heeft geen betaalmuur en is er voor iederéén. Dat kan alleen dankzij de steun van proMO*s, want diepgravende journalistiek kost tijd en geld.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in



