Waarom we voorbij de spectaculaire beelden van het protest moeten kijken
“‘Wie luistert naar de protesterende jongeren?’


Van Luik en Brussel tot Parijs: jongeren komen op straat omdat ze hun toekomst bedreigd zien. Maar wie hoort nog hun eisen nog wanneer de camera’s vooral op rellen en politiegeweld gericht zijn, vraagt MO*columniste Fei Lauw zich af.
In Luik kwamen begin oktober honderden scholieren op straat tegen de hervormingen en besparingen in het Franstalige onderwijs. Ook in Brussel lieten studenten eerder dit jaar van zich horen. Op 9 oktober sloten jongeren zich bovendien aan bij een nationale vakbondsbetoging tegen het federale besparingsbeleid.
In de Franstalige Gemeenschap protesteren studenten onder meer tegen de forse verhoging van het inschrijvingsgeld in het hoger onderwijs. Voor meer dan de helft van de studenten zal die stijgen van 835 naar 1.194 euro. Ook de druk op de onderwijsbudgetten baart zorgen.
In Vlaanderen richten scholieren en studenten zich onder meer tegen de plannen van minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA), de verstrenging van de studievoortgang en de beperktere toegang tot studietoelagen.
Ook in Frankrijk gaat het er verhit aan toe. Doorheen het hele land protesteren jongeren tegen overvolle klassen, verouderde schoolgebouwen waarbij de temperatuur in de lokalen oploopt tot 40°C, tekorten aan leerkrachten en de ongelijkheid in de kwaliteit van het onderwijs tussen scholen en regio’s.
Van Brussel tot Bordeaux verbindt één vraag de diverse scholieren en studenten: wie krijgt nog toegang tot kwaliteitsvol onderwijs, en tegen welke prijs?
Maar sommige betogingen escaleerden. Vernielingen, rellen en confrontaties met de politie ontsieren menig voorpaginanieuws. Die incidenten verdienen misschien aandacht, maar ze mogen de vraag waarom jongeren überhaupt de straat op trekken niet overschaduwen.
Wanneer protest een stigma wordt
De reacties onder artikels en video’s lopen uiteen. Er is solidariteit met jongeren die opkomen voor hun toekomst, maar vooral veel spot, racisme, verontwaardiging en oproepen tot strengere straffen.
Beelden van brandende vuilnisbakken, ingegooide ramen en confrontaties met de politie worden gretig verspreid. Vaak worden ze bovendien opzettelijk fout geframed om debatten zoals die rond ‘remigratie’ aan te zwengelen.
De inhoudelijke eisen van de betogers verdrinken in deze vloed van fake news en extreem-rechts opportunisme en bereiken vaak een kleiner publiek.
En hier dreigt een gevaarlijke verschuiving. Van de vraag waarom de jongeren protesteren, naar hoe we die jongeren weer onder controle krijgen? En zelfs weg.
Jongeren worden collectief weggezet als lui, ondankbaar, verwend of gewelddadig. En wie alle actievoerders over één kam scheert, maakt het gemakkelijker om ook de legitieme grieven van de meerderheid te negeren.
Nochtans zijn er naast de klassieke ‘kom op straat’ protesten, ook andere. Ze haalden door hun minder spectaculaire karakter helaas minder krantenkoppen.
De Vlaamse actiegroep Zuhal Doe Normal voert niet alleen actie op straat. In april hielden studenten ook studentenhuis De Therminal in Gent open om er samen te studeren, als protest tegen de plannen van minister Zuhal Demir. Ze spraken hiermee klare taal: protesterende studenten zijn niet lui en willen wel degelijk studeren, maar strengere studievoortgangsregels en beperktere toegang tot studietoelagen dreigen hoger onderwijs elitair te maken. ‘Zuhal Demir wil besparen ten koste van mensen hun toekomst’, zegt initiatiefneemster Anouk Dillen hierover.
Le casseur d’abord?
In Luik werden tijdens de protesten van begin oktober arrestaties verricht en raakten winkels, straatmeubilair en gebouwen beschadigd. Ook in Brussel waren er op 9 oktober confrontaties tussen politie en gemaskerde betogers, terwijl de vakbondsbetoging als geheel grotendeels vreedzaam verliep.
Een protest waar niemand echt last van heeft, een mars die op haar sokken door de straten sluipt, schuurt ook niet. Daar schud je niemand mee wakker.
Hoewel exacte cijfers ontbreken, is het duidelijk: een kleine groep amokmakers staat in schril contrast tot de duizenden vreedzame betogers. En toch krijgt die minderheid de aandacht.
De media dragen hier de verantwoordelijkheid. De Amerikaanse journalistiekprofessor Danielle K. Brown beschreef ‘het protestparadigma’ in een bijdrage voor MO*: hoe berichtgeving over studentenprotesten vaak de nadruk legt op spektakel, confrontatie en arrestaties, terwijl de eisen van de beweging naar de achtergrond verdwijnen.
Zo verdwijnt de inhoudelijke discussie in de schaduw van de relschoppers en van diegene die hen de onterechte aandacht geven.
Dat is geen pleidooi voor het verzwijgen van geweld. Wel voor een evenwicht in de berichtgeving rond protesten. Voor journalistiek die ook onderzoekt wat eraan voorafging, wie er vreedzaam deelnam en wat de actievoerders precies vragen.
Vreedzaam protest, ook wanneer er een ruit sneuvelt
Het recht op vreedzaam protest is beschermd door artikel 11 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Dat recht verdwijnt niet wanneer het tijdens een betoging grimmig wordt.
Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens maakt zelfs uitdrukkelijk onderscheid tussen individuele gewelddaden en het vreedzame gedrag van andere deelnemers. Een belangrijk nuance die we te weinig gereflecteerd zien in de berichtgevingen.
Wil dit zeggen dat elke vorm van geweld legitiem is en dat er geen gevolgen moeten zijn voor de geweldplegers? Neen. Wel dat een protest niet als geheel gewelddadig mag worden bestempeld omdat een minderheid de confrontatie opzoekt.
Net als bij het erg populaire andere mensenrecht, dat van de vrijheid van meningsuiting, is er verwarring rond de interpretatie van de term.
Vrijheid, ja, maar met beperkingen. En vreedzaam betekent niet dat protest onzichtbaar, comfortabel of zonder enige verstoring moet zijn.
Een protest waar niemand echt last van heeft, een mars die op haar sokken door de straten sluipt, schuurt ook niet. Daar schud je niemand mee wakker.
De toekomst is van ons
Van de Vlaamse scholierenacties tegen de plannen van onderwijsminister Zuhal Demir tot de protesten in Luik tegen besparingen en hogere studiekosten: jongeren komen niet zomaar op straat. Ze maken duidelijk dat hun toekomst meer is dan een begrotingspost.
In Vlaanderen gelden sinds academiejaar 2026-2027 strengere voorwaarden voor studietoelagen, waaronder in principe een minimum van 54 opgenomen studiepunten en een leeftijdsgrens van dertig jaar. Wie zijn studie spreidt, later begint of extra ondersteuning nodig heeft, kan daardoor uit de boot vallen.
In de Franse Gemeenschap stijgt het volledige inschrijvingsgeld voor het hoger onderwijs van 835 naar maximaal 1.194 euro. En ook strengere studievoortgangsregels en besparingen in het onderwijs voeden de vrees dat studenten steeds minder ruimte krijgen om op hun eigen tempo hun weg te vinden.
De vraag die jongeren impliciet stellen wanneer ze op straat komen voor betaalbare studies en voldoende ondersteuning, zelfs voor het klimaat, is of de samenleving nog in hen wil investeren.
We doen er goed aan om onze zintuigen goed te benutten. Om voorbij de spectaculaire beelden te kijken. En om te luisteren, willen we niet de casseurs zijn van onze eigen ruiten.
Word proMO*
MO* heeft geen betaalmuur en is er voor iederéén. Dat kan alleen dankzij de steun van proMO*s, want diepgravende journalistiek kost tijd en geld.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in
