Bekroond dramedy uit Libanon ‘A sad and beautiful World’
Regisseur Cyril Aris: ‘Mijn hart doet me altijd terugkeren naar Beiroet’

© Paradiso Filmed Entertainment

© Paradiso Filmed Entertainment
Sinds 29 april loopt A sad and beautiful world in de Belgische filmzalen. De eerste fictielangspeelfilm van de Libanese filmmaker Cyril Aris toont het verhaal van jeugdliefdes Yasmina en Nino, die elkaar na 20 jaar terugzien. Dat dit romantische en komische drama zich afspeelt in de Libanese hoofdstad Beiroet, de stad die catastrofes aaneenrijgt, is een bewuste keuze van de filmmaker.
Cyril Aris legt in zijn film de verschillende lagen bloot van Beiroet en zijn inwoners. Hij toont dat de mens in zijn leven meerdere verhaallijnen tegelijk kan bewandelen.
‘De Libanezen worstelen al meer dan een halve eeuw met de tragedie van opeenvolgende gebeurtenissen: regionale conflicten, oorlogen, economische crises. Maar ze hebben ook een ongelofelijke “lust for life”, door hun muziek, hun zin voor kunst en liefde om te tafelen, hun humor. Dat samenleven met paradoxen wilde ik overbrengen in deze film.’
Vandaag woont hij in Colombia, het geboorteland van zijn partner. Hij verdeelt zijn tijd tussen hun huis daar en Beiroet, waar hij gemiddeld zes maanden per jaar verblijft.
In Aris’ geboorteland zouden de wapens moeten zwijgen. Maar het tijdelijke staakt-het-vuren tussen Libanon en Israël heeft alleen Beiroet veiliggesteld, in Zuid-Libanon blijft Israël hele dorpen platgooien.
‘Het bestand geeft Israël een vrijgeleide om zich nu volop te focussen op die grensregio, om de grond er nauwgezet plat te gooien en letterlijk te doden’, zegt de filmmaker.
Had u verwacht dat Israël Libanon in een oorlog zou meesleuren?
Cyril Aris: ‘Niet echt. Maar in de geopolitieke context waarin Libanon zich bevindt, is het altijd een gok wat zal gebeuren. Neem nu het moment waarop we deze film hebben gemaakt. Het was de zomer van 2024. We waren amper een paar weken verwijderd van de Israëlische oorlog, die zich op van september tot november op grote schaal zou ontplooien.’
‘We hebben toen geluk gehad. In nauw overleg met de producenten hadden we beslist om toch door te gaan met de productie. Maar zodra we begonnen te draaien, was die dreiging sterk aanwezig: Netanyahu herhaalde met regelmaat dat hij van Beiroet een tweede Gaza zou maken.’
‘De oorlog die volgde was heel heftig. Ik had gedacht dat het de laatste was geweest. Toen de Israël en de Verenigde Staten hun Iranoorlog begonnen, was ik echt overtuigd dat, voor het eerst in onze geschiedenis, Libanon gespaard zou blijven. Tot de Israëlische bommen op Libanon vielen, nog gewelddadiger dan in 2024.’

© Paradiso Filmed Entertainment
Met A sad and beautiful world reeg u de prijzen aan elkaar. Is dat omdat u de gewelddadige politieke context van Beiroet niet centraal stelt?
Cyril Aris: ‘Goh, dat is de vraag van 1 miljoen. Ik denk dat het ongewoon is om dit type film, een soort romantische komedie uit Libanon, te zien. De film plaatst je echt midden in de straten van Beiroet. Hij doet je het dagelijkse leven ervaren, in al zijn pathetiek en schoonheid, zonder weg te blijven van het verdriet, de tragedie en het drama.’
‘Maar de film is misschien ook een welkome tegenbeweging tegen het cynisme dat de hedendaagse cinema lijkt te overheersen. Ik denk oprecht dat het filmpubliek de goede oude romantiek mist, zoals we die kenden in de jaren 80 en 90. Althans, ik mis die. Net die romantische films zorgden ervoor dat ik zo van cinema ben gaan houden.’
Hoe ontvingen de Libanezen de film?
Cyril Aris: ‘We hebben de film gemaakt met het Libanese publiek als eerste doelgroep. Dus was het heel mooi dat hij heel goed ontvangen werd in Libanon. De Libanezen herkennen zich sterk in de film en zeggen dat hij weergeeft wie de Libanezen echt zijn.’
‘We kregen meermaals te horen hoe opgelucht de Libanese kijkers waren om niet afgebeeld te worden als slachtoffers of als veerkrachtige mensen. Voor het woord “resilient” zijn de Libanezen inmiddels redelijk allergisch, omdat doorgaan geen keuze is maar gewoon iets dat elke mens doet. “Als iemand nog eens vraagt wat het is om Libanees te zijn, tonen we deze film”, was een zeer mooi weerkerend compliment dat ik van Libanese expats kreeg.’
Geen ontsnappen aan politiek
Op een cruciaal moment in zijn leven zit hoofdpersonage Nino vast in een verkeersfile in de stad. Het is de schuld van de “leiders”, roept hij. Wie bedoelt hij juist?
Cyril Aris: ‘Die scène is gekoppeld aan een echte gebeurtenis. Op een dag ging in Libanon een video viraal over een ziekenwagen met loeiende sirenes die vast kwam te zitten in het centrum van Beiroet. Reden: de straten waren afgezet omdat een of andere minister voorbijkwam. Ik was echt woedend, het maakte zo’n indruk op me dat ik het in de film wilde verwerken.’
‘Ik wilde dat Nino tegen een leider zou schreeuwen, om hen wakker te schudden dat ze er moeten zijn om beleid te voeren, niet om hun eigen belangen te dienen. Of ze nu moslimleider, soennitische, sjiitische of christelijke leider zijn, de meeste Libanese politici vertegenwoordigen enkel hun eigen groep en houden op die manier de sociale breuklijnen in ons land strak. Ze zijn de leiders van de milities en clans die ons land in de jaren 70 in een burgeroorlog (de Libanese burgeroorlog duurde van 1975 tot 1990, red.) hebben gesleept.’
‘Na de oorlog wisselden ze meteen hun militie-uniform in voor een maatpak en trokken naar het parlement. Het zijn nog altijd die mensen die de plak zwaaien in Libanon. Gelukkig zagen we de voorbije twee jaar wel een paar nieuwe en onafhankelijke gezichten die politieke verandering willen brengen.’
Ook de economische crisis fileert u op een subtiele manier en legt die bijna letterlijk op het bord van de kijker.
Cyril Aris: ‘Ook die scene is uit het leven gegrepen. Het is een persoonlijke anekdote. Op een dag gingen we met vrienden uit eten. Ik ben vegetarisch, maar zij zijn, zoals veel Libanezen, echte vleeseters. Toen de menukaart op tafel lag begrepen we er niets van: waar was het vlees? De eigenaar legde uit dat hij de vleesgerechten had geschrapt. “Zodra ik het almaar duurdere vlees aankoop, devalueert de Libanese munt en schommelt de wisselkoers zodanig dat prijszetting onmogelijk is geworden”, vertelde hij.’
‘Hij ging dus een paar maanden geen vlees meer op het menu zetten, om zijn “leven aangenamer te maken”. Je moet weten dat de eettafel de basis is van de Libanese cultuur: alles draait om eten, eten en nog eens eten, van de geboorte tot de dood. Daar raak je niet aan. Dus ik vond die kleine anekdote perfect samenvatten in welke staat ons land zich bevindt.’

© Paradiso Filmed Entertainment
Gelovige speeltuin met kogelgaten
Zoals elk land heeft ook Libanon zijn rode lijnen en censuur. Heeft u het gevoel dat u zichzelf moet censureren?
Cyril Aris: ‘Zelf heb ik dat gevoel niet. We kunnen enerzijds best wel veel zeggen. Anderzijds stelt de censuurcommissie in Libanon, die ondergebracht is bij het ministerie van Veiligheid, duidelijke grenzen aan het beledigen van geloofsgroepen en personen.’
‘Het komt erop neer dat je als christen de islam niet beledigt en omgekeerd, enzovoort. Spot of kritiek is in die zin hachelijk, en kan echt wel problemen veroorzaken. Denk maar aan de rockband Mashrou’ Leila, die te maken kreeg met censuur en gestuurde haatcampagnes. Ze werden gecensureerd omdat ze in hun teksten wat spottend refereerden aan christelijke gebruiken, zoals kerkwijn als het bloed van Christus.’
‘Ook homoseksualiteit is een no-go, afhankelijk van hoe je ermee omgaat. Libanon is een vrij liberaal land waar veel kan, zeker in een stad als Beiroet. Maar homoseksualiteit en seksualiteit in de kijker zetten, kan worden beschouwd als een vorm van westerse propaganda die de meer traditionele culturen in Libanon bedreigt.’
U bent geboren in 1987, de laatste jaren van de burgeroorlog die in 1990 werd beëindigd. Heeft die oorlog ook in uw leven een centrale plek?
Cyril Aris: ‘Mijn generatie mag zich dan niets herinneren van de oorlog, we zijn wel opgegroeid met de onverwerkte nasleep ervan. We zijn de generatie die het trauma van onze ouders erfde. We hadden geen idee waarom we niet naar bepaalde wijken in Beiroet of niet naar de bergen, het zuiden of het noorden van Libanon mochten gaan.’
‘Het was verwarrend en boeiend tegelijk. We groeiden op met die gevolgen, maar toch waren ze voor ons niet de norm. We leefden er gewoon mee samen: we speelden in verlaten treinstations en lege gebouwen vol kogelgaten. Het maakte deel uit van ons leven en we stelden er geen vragen bij, onbewust van het niveau van trauma en de gitzwarte gebeurtenissen die zich gedurende 15 jaar hadden afgespeeld op die plekken.’
‘Net dat probeer ik ook in de film weer te geven: hoe gruwel en schoonheid echt wel kunnen samengaan. Die dualiteit is eigen aan Libanon, en het maakt dat we zo emotioneel zo sterk verbonden blijven met dat land.’

© Paradiso Filmed Entertainment
Should I stay or should I go?
Dat is ook een thema in uw film: weggaan of blijven.
Cyril Aris: ‘De emigratiekwestie maakt, over generaties heen, deel uit van de Libanese psyche. De jongste emigratiegolf was in 2019 en 2020. Toen verliet een half miljoen jonge Libanezen het land. Daarvoor deed de burgeroorlog veel mensen vluchten.’
‘Maar ook nog voor Libanon een onafhankelijke staat werd (in 1943, red.), kende ons land een grote exit. In de jaren van de Eerste Wereldoorlog legden de Ottomaanse overheersers massale blokkades op, onder meer in Mount Lebanon. Dat heeft geleid tot de Grote Hongersnood. Er vielen honderdduizenden doden en er kwam een massale emigratie op de been naar de VS en Zuid-Amerika. Vandaag leven 7 miljoen Libanese nakomelingen in Brazilië en 2 miljoen in Colombia. Het dilemma “weggaan of blijven” leeft in Libanon dus al meer dan 100 jaar en drie, vier generaties.’
In de film zegt Yasmina dat leven in twee landen betekent: je hebt twee huizen, twee vriendengroepen, twee telescopen om naar de sterren te kijken. Kan die letterlijke verdubbeling ook te maken hebben met een soort verlatingsangst?
Cyril Aris: ‘Ik heb daar niet meteen een antwoord op, al vind ik het oprecht een heel interessante vraag. Komt die hang naar gehechtheid voort uit de angst voor verlating of angst om de eigen cultuur en eigen grond te verliezen? Opnieuw, ik denk dat het een Libanees ding is. Ik ken niet-Libanese expats die zich elders vestigen en nog maar weinig connectie hebben met hun geboortegrond. Dat lijkt anders voor Libanezen.’
‘Dus wat is het dan precies? Ik denk dat die vraag echt in mijn film zit vervat. Kijk naar het personage Nino, die weigert zijn restaurant op te geven en als laatste overblijft op dat zinkend schip. Op papier denk je: wat doet hij in godsnaam, waarom blijft hij zo vasthouden aan dat ietwat donkere bizarre restaurant? Maar het restaurant behoorde toe aan zijn ouders en grootouders, de kok en zijn beste vriend maken deel uit van dat restaurant. Die relatie tot die plek geeft hij niet zomaar op.’
Maar het leidt wel tot de discussie met zijn grote liefde, Yasmina. Hij vraagt haar letterlijk: ben jij een van de mensen die het land bekritiseren en dan weggaan?
Cyril Aris: ‘Op die vraag antwoordt Yasmina: “Nee, ik lieg gewoon niet tegen mezelf”. Ze hebben allebei gelijk en ongelijk, dat wil ik tonen. Je kan inderdaad zeggen: de pot op met dit land, niets zal hier werken, ik ben weg. Tegelijk zijn er mensen als Nino die het niet willen zien, die alles geweldig en fijn vinden, die zeggen: “We vegen het stof onder het tapijt”.’
‘De vraag is wat je doet, wetende dat op een dag alles in ons gezicht kan ontploffen, soms letterlijk, zoals op 4 augustus (op 4 augustus 2020 vond in de haven van Beiroet een allesvernietigende ontploffing plaats, met honderden doden en gewonden als gevolg, red.).’
‘Dus ik begrijp de twee standpunten: de desillusie en het pessimisme enerzijds, het optimisme en vasthouden anderzijds. Ik geloof niet dat mensen optimistisch of pessimistisch geboren worden. Beide zijn een keuze. Ik oordeel niet. Puur persoonlijk denk ik dat voor mij de nobelere keuze is om voor het optimisme te gaan en daarmee aan de slag te gaan, ook al is het heel heel moeilijk in een land als Libanon. Voor elke trein die ik persoonlijk neem, hoe ver weg van Libanon ook, koop ik altijd een retourticket. Mijn hart doet me altijd terugkeren naar Beiroet.'
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in