Onderzoeksjournaliste Isabelle Vanhoutte: ‘Er bestaat geen goede oplossing voor het plasticprobleem’

Interview

Europa heeft wereldwijd de meest vooruitstrevende wetgeving, maar schiet alsnog tekort

Onderzoeksjournaliste Isabelle Vanhoutte: ‘Er bestaat geen goede oplossing voor het plasticprobleem’

collage met portret van Isabelle Vanhoutte
collage met portret van Isabelle Vanhoutte

Daan Souts

13 juni 202613 min leestijd

In haar boek Lek toont onderzoeksjournaliste Isabelle Vanhoutte hoe we al van voor de geboorte plastic in ons lichaam krijgen. Maar ook hoe de vraag naar plastic kunstmatig in leven gehouden wordt. Ze pleit daarom voor een nieuwe balans tussen gebruik, risico's en verantwoordelijkheid, zowel van de producenten als van de overheid. ‘Producenten moeten aantonen dat hun additieven niet toxisch zijn, zoals bij medicijnen.’

Van kleding tot verpakkingen, plastic is onmisbaar in ons dagelijks leven. Het bevat chemicaliën die in ons lichaam en milieu terechtkomen en het vergaat niet, maar valt uiteen in micro- en nanoplastics.

Voor onderzoeksjournaliste Isabelle Vanhoutte werd dat in 2013 plots heel concreet. Een van haar tweelingkindjes belandde na een spoedkeizersnee op de neonatologie en werd gevoed door plastic buisjes en slangetjes. ‘Ik begon mij af te vragen of dit allemaal wel goed was voor mijn kind?’

Jaren later, toen ze als onderzoeksjournaliste begon te schrijven over plastic en recyclage, kon ze benoemen wat ze toen al vaag vermoedde. Bijvoorbeeld dat in colablikjes – tijdens haar zwangerschap had ze een enorme hunkering naar cola – BPA (bisfenol A) zat, inmiddels een verboden weekmaker.

‘Ik realiseerde mij plots dat ik mijn kind ongewild had blootgesteld aan schadelijke stoffen. Op die manier is mijn moederschap verweven in het boek.’

Wat viel u het meest op tijdens uw onderzoek?

Isabelle Vanhoutte: ‘Ik ben dit boek begonnen als een boek over afval, iets wat we als samenleving het liefst uit het zicht houden. Maar de vraag is waar het naartoe gaat. Ik interviewde mensen over de bestemming van ons plasticafval en volgde afvalstromen met trackers. Want afval is bij uitstek een internationaal handelswaar.’

‘Tijdens mijn onderzoek stelde ik producenten en recyclagebedrijven telkens dezelfde vraag: “Wat gebeurt er als er een verboden stof in plastic zit, en wie controleert dat?” Het antwoord was steevast: “We vervangen die stof.” Maar welke stof ervoor in de plaats kwam, en of die voldoende getest was, daar kreeg ik nooit een duidelijk antwoord op.’

‘Elke dag komen er nieuwe chemische stoffen op de markt, terwijl het verbieden van schadelijke stoffen tergend traag verloopt. “We vervangen dat” klinkt geruststellend, maar verhult een systeem waarin niemand nog het overzicht heeft.

We weten te weinig

In uw boek schrijft u dat er duizenden chemische stoffen in plastic zitten, maar dat we van weinig van die stoffen iets weten. Waaruit blijkt dat?

Isabelle Vanhoutte: ‘Twee toonaangevende en baanbrekende rapporten uit 2024 hebben het plasticdebat nieuw leven ingeblazen. Het PlastChem-rapport stelde vast dat er ongeveer 16.000 chemische stoffen in en rond plastic aanwezig zijn. Van meer dan 10.000 daarvan ontbreekt basisinformatie over mogelijke gevaren, en ruim 4200 werden als zorgwekkend geclassificeerd.’

‘De Plastic Health Umbrella Review bundelde vervolgens duizenden wetenschappelijke studies en concludeerde dat chemicaliën in plastic schadelijk zijn in vrijwel elke levensfase. Die rapporten, samen met de ontwijkende antwoorden die ik tijdens mijn onderzoek kreeg, vormden uiteindelijk de basis van mijn boek.’

Is onze kennis van plastic dan echt zo slecht?

Isabelle Vanhoutte: ‘Helaas wel. Het zorgwekkende is dat die 16.000 stoffen nog alleen maar de stoffen met een zogenaamd CAS-nummer zijn, een internationale identificatiecode. Er zijn dus waarschijnlijk nog meer samenstellingen die niet in beeld komen.’

‘Daarnaast is er grote onzekerheid over mengseltoxiciteit. Wat gebeurt er als chemische stoffen in plastic met elkaar reageren in afvalstromen of tijdens recyclage, en daarna in ons lichaam terechtkomen? Hoe die stoffen precies op elkaar inwerken is grotendeels een vraagteken, al zien we op kleine schaal dat sommige mengsels zelfs schadelijker kunnen zijn dan de afzonderlijke stoffen.’

‘Binnen de wetenschap bestaat bovendien de consensus dat gerecycleerde kunststoffen schadelijker kunnen zijn dan nieuw plastic. Zo zijn in zwart plastic – zoals sushibakjes, speelgoed en keukengerei – oude vlamvertragers aangetroffen, stoffen die al lang op de verboden lijsten staan. Hoe die daarin terechtkomen is onduidelijk. Er zijn hypotheses dat ze door gemengde recyclage van kunststoffen van oude elektronica in Europees plastic belanden, maar zekerheid daarover ontbreekt.’

Vandaag kunnen we plastic niet meer wegdenken uit ons leven, het is overal. Vindt u dat zorgwekkend?

Isabelle Vanhoutte: ‘Ja, en er komt steeds meer plastic bij. In 1950 werd wereldwijd 2 miljoen ton plastic geproduceerd, of 0,8 kilo per persoon. Vandaag is dat 450 miljoen ton, wat overeenkomt met ongeveer 56 kilo per persoon. Ook uit studies op hersenen van overleden mensen bleek dat de hoeveelheid plastic daarin tussen 2015 en 2025 aanzienlijk is toegenomen.’

‘Plastic is daarnaast een reddingsboei voor de olie-industrie. De energietransitie kost haar namelijk geld, dus de belangen bij nieuwe plasticproductie zijn enorm. Bovendien vergaat plastic niet en blijven de schadelijke stoffen die erin zitten circuleren. Problemen stapelen zich op, en het wordt met de dag erger.’

1950 1955 1960 1965 1970 1975 1980 1985 1990 1995 2000 2005 2010 2015 2019 100 200 300 400 500 Globale plasticproductie tussen 1950 en 2019 (in miljoen ton) Bron: Geyer et al . (2017); OECD (2022) – met verwerking door Our World in Data

U maakte zich tijdens uw zwangerschap zorgen. Hoe schadelijk zijn die stoffen voor pasgeboren baby’s op de neonatologieafdeling?

Isabelle Vanhoutte: ‘Daar sprak ik over met professor Philippe Jorens, die onderzoekt wat weekmakers doen met plastic slangetjes. Hij ontdekte dat die weekmakers uitlekken en teruggevonden worden in het bloed van patiënten. Jorens onderzocht ook kinderen op intensieve zorg, waar dezelfde slangetjes worden gebruikt als op de neonatologie. Daar zag hij dat wie het meest aan die buisjes lag 20 tot 30% minder goed scoorde op cognitieve tests dan een controlegroep. Die kinderen waren ook erg ziek geweest, dus het verband is niet waterdicht. Maar het is een signaal, bevestigd door andere studies.’

Attest van recyclage

Bestaat er dan geen Europese wetgeving om dat probleem aan banden te leggen?

Isabelle Vanhoutte: ‘We hebben in Europa de REACH-verordening, de meest vooruitstrevende verordening in de wereld. Ze legt de verantwoordelijkheid bij producenten met een registratieplicht, waarbij basisgegevens zoals gevaarseigenschappen moeten worden aangeleverd. Maar die verplichting geldt alleen voor chemische stoffen die als losse substantie op de markt komen. Bovendien zijn polymeren, de basis van de meeste plastics, vrijgesteld van registratie. In de praktijk schiet de verordening dus tekort.’

‘Een bijkomend probleem is regrettable substitution, waarbij een schadelijke chemische stof wordt vervangen door een sterk gelijkaardige variant die even, of soms zelfs schadelijker is. Na het verbod op BPA schakelde de industrie bijvoorbeeld over op BPS en BPF. Die stoffen krijgen gemiddeld tien jaar vrij spel voordat ze worden verboden, waarna dezelfde cyclus zich herhaalt.’

Als REACH de meest vooruitstrevende verordening ter wereld is, hoe staan landen buiten de EU er dan voor?

Isabelle Vanhoutte: ‘Niet veel beter. Neem bijvoorbeeld DEHP, ook een weekmaker die plastics flexibel maakt. Wereldwijd wordt 1 op de 8 sterfgevallen door hart- en vaatziektes bij mensen tussen 55 en 64 jaar gelinkt aan deze stof. In landen met zwak afvalbeheer, zoals China en India, is dit effect nog groter.’

‘We hebben in Europa de mond vol van recycleren, gooien plastic in de blauwe zak en denken dat we het goed doen. Maar in de praktijk wordt het overgrote deel van industriële kunststoffen aan de andere kant van de wereld “gerecycleerd”, en dan vooral in Turkije, waarnaar wij een groot deel van ons plasticafval exporteren.’

Grafiek die het totaal aantal geëxporteerd Europees plasticafval naar Turkije toont
Grafiek die het totaal aantal geëxporteerd Europees plasticafval naar China toont

Welke gevolgen heeft die export voor Turkije?

Isabelle Vanhoutte: ‘Er bestaat een duidelijk verband tussen grote plasticimport en criminaliteit. Turkije heeft een minder strenge wetgeving dan de EU, en kampt met veel afvalcriminaliteit. Plastic recycleren is immers niet winstgevend. Het vraagt om veel mankracht en energie, en de productieprocessen zijn complex. Daarom worden recyclagebedrijven betaald om dat proces over te nemen.’

‘Als een Belgisch bedrijf zijn afval naar een Turks recyclagebedrijf stuurt, betaalt het daarvoor en krijgt het netjes een attest van recyclage. Maar wordt dat plastic dan ook echt gerecycleerd? Mogelijk niet. In de praktijk wordt het al te vaak gewoon verbrand, illegaal, op open vuur, zonder industriële filters. De giftige stoffen in plastic verdwijnen niet in rook, maar komen neer als giftige as of belanden via de lucht opnieuw in het milieu. En door een groot gebrek aan controle blijft dat grotendeels ongestraft.’

portretfoto van Isabelle Vanhoutte

Isabelle Vanhoutte

Goede marketing

Wat is de impact van plastic op het milieu?

Isabelle Vanhoutte: ‘Er is een toonaangevende studie die concludeerde dat microplastics de wereldwijde opbrengst van tarwe, rijst en maïs reduceerde met 4 tot 14% omdat ze allerlei natuurlijke processen in de bodem verstoort. Microplastics worden er door afvalwaterbedrijven wel uitgefilterd, maar nanoplastics niet. Die zijn simpelweg te klein en kunnen zich daarom makkelijk verspreiden zonder ophouden. Het zijn eigenlijk kleine chemische pakketjesdragers waar die 16.000 stoffen uitlekken.’

En de impact op dieren?

Isabelle Vanhoutte: ‘De cohozalm is een goed voorbeeld. De vis wordt geboren in een zoetwaterrivier, trekt na een jaar naar zee om te groeien en keert na een tot drie jaar terug naar diezelfde rivier om er te paaien, waarna hij sterft. In de jaren 90 merkten wetenschappers al dat cohozalmen niet terugkeerden naar de plek van hun geboorte, maar op mysterieuze manier stierven in stedelijke beken, vaak na hevige regenbuien. Er werd in afvalwater gezocht naar bekende toxische stoffen, maar pas in 2020 werd 6PPD geïdentificeerd. Dat is een stof die vrijkomt bij slijtage van autobanden en extreem giftig blijkt voor cohozalmen.’

Verschillende plasticproducenten en de petrochemische industrie hebben meerdere organisaties opgericht om plasticvervuiling tegen te gaan, vaak met ronkende namen als de Alliance to End Plastic Waste. Bieden die organisaties daadwerkelijk hulp?

Isabelle Vanhoutte: ‘Ja, maar dan vooral op marketingvlak. De Alliance to End Plastic Waste ruimde tussen 2019 en 2023 ongeveer 119.000 ton plastic op, terwijl de vijf grootste leden in dezelfde periode 132 miljoen ton produceerden, een factor van meer dan 1100. Dat contrasteert sterk met hun publieke imago.’

‘Ook recyclage past in dat beleid. In de praktijk wordt slechts 9 à 10% van het plastic effectief gerecycleerd. Een groot deel wordt gedowncycled en krijgt een tweede leven in minderwaardig materiaal waarna het alsnog eindigt in het milieu of verbrand wordt. Toch staat op vrijwel elke verpakking dat het gerecycleerd kan worden, terwijl dat proces duur en complex is. Zo creëert de industrie een maatschappelijk draagvlak voor nieuwe plasticproductie. En dat verhaal heeft ze nodig.’

‘Maar ook initiatieven zoals Mooimakers – een samenwerking tussen Fost Plus, gefinancierd door de industrie, en de Vlaamse overheidsinstelling voor afvalbeleid OVAM – vertellen vooral mooie marketingverhalen en sporen burgers aan om hun afval op te ruimen, terwijl producenten zelf niet stoppen met produceren. Plasticbedrijven slagen er goed in om hun eigen rol te maskeren en Mooimakers te framen als een organisatie met een hart voor de samenleving.’

Volledige ban is een illusie

Als we plastic nauwelijks kunnen recycleren, downcyclen geen optie is, net zomin als het verbranden, wat moeten we dan in hemelsnaam met dat spul?

Isabelle Vanhoutte: ‘Er bestaat geen goede oplossing. We kunnen wél het verbruik verminderen. Een goed voorbeeld komt uit het Erasmus MC-ziekenhuis in Rotterdam. Tijdens een opname op intensieve zorg werd er dagelijks ongeveer 12 meter aan plasticslangetjes gebruikt. Om die afvalberg te verkleinen, schakelde het ziekenhuis waar mogelijk over op paracetamol in tabletvorm. Zo worden naalden, medicijnzakken en meters aan slangetjes vermeden. Dat levert snelle winst op, zowel in afvalreductie als in blootstelling aan schadelijke stoffen. Als we er bewust breder mee omgaan, kunnen we vaker kiezen voor minder plasticintensieve alternatieven.’

Heeft u er vertrouwen in dat de kinderen van uw kinderen plasticvrij kunnen leven?

Isabelle Vanhoutte: ‘Nee, jij wel? (lacht) Plastic wordt kunstmatig goedkoop gehouden omdat de echte kosten, zoals risicoanalyses, langetermijngezondheidsschade en afvalverwerking, niet in de prijs zijn doorgerekend. Tegelijk moeten we het niet volledig in de strafhoek zetten. In veel toepassingen is het een handig product, en in medische context soms zelfs levensreddend. Een volledige ban van plastic is een illusie. Producenten moeten wel hun verantwoordelijkheid nemen en aantonen dat hun additieven niet toxisch zijn, zoals bij medicijnen. Dat zou plastic duurder maken. Daarom moeten we opnieuw leren leven met plastic en het een evenwichtige plaats geven in de samenleving.’

Cover van het boek ‘Lek’ met ondertitel ‘hoe plastiek ons ziek maakt’

Lek, hoe plastiek ons ziek maakt door Isabelle Vanhoutte, is uitgegeven door EPO. 176 blzn. ISBN 978 94 626 7608 4

Ontvang het beste van MO* rechtstreeks in je mailbox

Schrijf je nu in op onze gratis nieuwsbrieven en wij houden je op de hoogte van wat er gaande is in onze mondialiserende en snel veranderende wereld. 

Word proMO*

Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.

Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.

Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.

Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief

Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.

Per maand

€4,60

Betaal maandelijks via domiciliëring.

Meest gekozen

Per jaar

€60

Betaal jaarlijks via domiciliëring.

Voor één jaar

€65

Betaal voor één jaar.

Ben je al proMO*

Log dan hier in