Elisabeth Stubberud doet onderzoek naar lgbtq+ in de Sámi-gemeenschap
‘We willen als queer Sámi onszelf kunnen zijn. Zonder te moeten nadenken hoeveel van onze identiteit we prijsgeven’


Lotte Debrauwer
11 juli 2026 • 11 min leestijd
Lgbtq+-rechten moeten ook verdedigd worden boven de poolcirkel. Daar woont de grootste en enige erkende inheemse gemeenschap van Europa, de Sámi. ‘Het blijft een afweging’, vertelt onderzoekster én lgbtq+-activiste Elisabeth Stubberud. ‘Gaan we onze Sámi identiteit uitdrukken in een niet-Sámi context? Tonen we onze queerness in een Sámi omgeving?’
Voor Elisabeth Stubberud zijn activisme en de academische wereld onlosmakelijk met elkaar verbonden. We zitten digitaal tegenover elkaar ter gelegenheid van de Internationale Dag tegen Homofobie, Bifobie en Transfobie, ook bekend als IDAHOT, die elk jaar gevierd wordt op 17 mei. Want op die dag in 1990 schrapte de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) homoseksualiteit officieel van de lijst van psychische aandoeningen, een mijlpaal voor queerrechten wereldwijd.
Ik spreek Stubberud op een vrijdagochtend vanuit haar thuisbasis Trondheim (Tråante in het Samisch) in Noorwegen, waar de lente stilaan haar intrede doet. Ze doceert er aan de universiteit over gender en diversiteit en doet onderzoek naar de Sámi-gemeenschap.
Naar schatting leven in het poolgebied tussen de 80.000 tot 100.000 Sámi, verspreid over Noorwegen, Zweden, Finland en het Russische Kola-schiereiland. Dat gebied werd en wordt nog vaak Lapland genoemd. Maar omdat die naam een koloniale oorsprong en denigrerende betekenis heeft, geven de Sami de voorkeur aan de naam die ze zelf gebruiken, Sápmi.
Ze is de dochter van Sámi en Kven ouders; die laatsten zijn een Baltisch-Finse minderheidsgroep binnen Noorwegen. Stubberud zet zich ook in haar persoonlijk leven in voor de rechten van deze groepen.
Dat leidde er in 2019 toe dat ze mee Garmeres oprichtte, een ngo die opkomt voor inheemse lgbtq+-personen uit de uitgestrekte Sámigebieden. Het hoogtepunt van hun werking is de jaarlijkse Sápmi Pride, dit jaar op 8 augustus.
Wie is Elisabeth Stubberud?
docente Gender en Diversiteit aan de Norwegian University of Science and Technology in Trondheim (Tråante);
leidt een onderzoeksproject naar de geschiedenis van queer Sami, besteld door het Noorse overheidsbureau voor Kinderen, Jeugd en Gezinszaken;
heeft Sámi en Kven roots;
richtte mee Garmeres op, een ngo die opkomt voor Sámi lgbtq+.
Waarom is er nood aan een organisatie zoals Garmeres?
Elisabeth Stubberud: ‘In 2019 voelden we dat er een overkoepelende organisatie nodig was, over de verschillende landen heen, die zich kon richten op de organisatie van onze eigen pride. Het is de enige plek waar we als queer Sámi écht onszelf kunnen zijn, zonder te moeten nadenken hoeveel van onze identiteit we prijsgeven.’
Wat bedoelt u daarmee?
Elisabeth Stubberud: ‘Het blijft een afweging: gaan we onze Sámi identiteit uitdrukken in een niet-Sámi context? Of tonen we onze queerness in een Sámi omgeving? Er is altijd een risico op discriminatie en geweld.’
Uit onderzoek van de universiteit van Umeå in Zweden bleek onder andere dat Sámi vrouwen in Zweden veel vaker dan Zweedse vrouwen in het algemeen blootgesteld worden aan ernstige vormen van seksueel geweld.
‘Onderzoek toont bovendien dat je automatisch veel voorzichtiger wordt als je vrienden hebt die te maken kregen met anti-queer of anti-Sámi haatspraak, zelfs als je persoonlijk geen discriminatie hebt meegemaakt. Dus eigenlijk verstoppen we vaak bepaalde delen van onszelf. En dat hangt heel erg af van de context: waar en wanneer is het veilig om open te zijn?’
‘Daarnaast zijn er ook meer expliciete uitingen van discriminatie. Zo hebben trans personen uit Sápmi (het gebied van de Sámi, ld) geen toegang tot behandeling en medische hulp. Alle mogelijkheden voor transzorg zijn gecentraliseerd in Oslo.’ (De afstand van pakweg Tromsø in Noord-Noorwegen tot Oslo is 1600 kilometer, gelijkaardig aan de afstand Brussel-Valencia, ld)
Intieme pride
Hoe moeilijk is het om mensen te overtuigen om naar de Sápmi Pride te komen?
Elisabeth Stubberud: (lacht) ‘Heel gemakkelijk! Vanaf de eerste editie was het overduidelijk dat er een grote vraag was om samen te komen.'
‘Wat moeilijker ligt, zijn de enorme afstanden in de regio. De reistijden voor deelnemers lopen heel snel op. Daardoor is het allesbehalve evident om de reiskosten van onze medewerkers te dekken.’
‘De traditionele man-vrouwdenkbeelden zijn in onze samenleving geïnfiltreerd in de periode van christianisatie door de missionarissen, in de 17de en 18de eeuw.’
‘Sinds de eerste editie wisselen we jaar na jaar af tussen steden en kleine dorpen om onze pride te organiseren. Dit jaar gaan we naar Aanar (Inari, een klein dorp in Noord-Finland, ld). Op zulke plekken wordt het meer iets intiems, echt afgestemd op onze gemeenschap.’
‘Een andere uitdaging zijn de talen. Wie sluiten we uit als we communiceren in het Noors, Fins of Zweeds? Daarnaast zijn er wel negen verschillende varianten van het Sámi. Welke taal kiezen we dan?’
Hoe staat Garmeres tegenover ‘klassieke’ prideparades en dagen zoals IDAHOT? Doen jullie dan ook iets speciaals?
Elisabeth Stubberud: ‘Nee, niet echt. Omdat we zo’n kleine, kwetsbare beweging zijn, focussen we vooral op onze eigen pride. We lopen wel altijd mee in de pride in Oslo en Trondheim bijvoorbeeld.’
(denkt na) ‘Ik moet zeggen dat onze samenwerking met de mainstream queerorganisaties een stuk beter is dan vroeger. Er is vandaag echt meer interesse voor en kennis over Sámi-thema’s. Maar we zijn wel nog steeds op onze hoede. Velen onder ons hebben negatieve ervaringen met discriminatie en microagressies.’

Onbekend en koloniaal verleden
Even terug naar uw rol als onderzoekster. Wat voor onderzoek is er al gedaan naar de geschiedenis van queer personen binnen de Sámi-gemeenschap?
Elisabeth Stubberud: ‘Dat is teleurstellend. We weten eigenlijk zo goed als niks. Ik ben net begonnen aan een project waarin ik exact die geschiedenis ga onderzoeken, in opdracht van de Noorse overheid. We moeten echt helemaal van nul beginnen, merken we.’
‘Natuurlijk weten we wel dat er queer personen aanwezig waren in Sámi-gemeenschappen, maar zij zijn nooit niet echt als dusdanig beschreven, eerder als ‘‘afwijkend’’ of ‘‘anders’’. Denk in Finland bijvoorbeeld aan de Sámi artiest Áillohaš (die zijn hele leven verborg dat hij bi was, red.). Een opdracht voor de komende jaren is om een nieuw licht te schijnen op mensen zoals hij, want zij kunnen belangrijke rolmodellen zijn.’
Vaak wordt inheemse gemeenschappen verweten dat ze op het vlak van genderdiversiteit oerconservatief zijn. Kan u zich vinden in die kritiek?
Elisabeth Stubberud: ‘Het is belangrijk om mee te nemen hoe bepaalde denkbeelden bij onze gemeenschap gekomen zijn. Je kan niet nadenken over de Sámicultuur zonder stil te staan bij de opgelegde christianisatie (vanaf de 17de en 18de eeuw door missionarissen, die druk zetten op Sámi-gemeenschappen om hun eigen geloof en gebruiken op te geven, ld). De traditionele, christelijke man-vrouwdenkbeelden zijn eigenlijk in die periode in onze samenleving geïnfiltreerd.’
‘Voor veel mensen is identiteit nu eenmaal complexer dan één woord of één categorie. Binnen de Sámi-gemeenschap geldt die gelaagdheid misschien nog meer.’
‘Daarnaast hebben staten ook wetten opgelegd die onze inheemse rolverdeling verstoorden. In de negentiende eeuw hadden Sámivrouwen bijvoorbeeld eigendomsrechten en mochten ze hun eigen rendieren houden. Maar de Noorse staat liet privé-eigendom voor vrouwen niet toe. De overheid nam de rendieren van de vrouwen in beslag om de boetes van hun echtgenoten te betalen. De hedendaagse Sámicultuur is dus helemaal niet in een vacuüm ontstaan.’
Gelaagde identiteit
U gebruikt de term intersectionaliteit in uw werk. Kunt u die uitleggen? En hoe gebruikt u die?
Elisabeth Stubberud: ‘Intersectionaliteit is het idee dat verschillende sociale kenmerken, zoals gender, afkomst, klasse of religie, elkaar overlappen en samen bepalen hoe iemand privileges of discriminatie ervaart.’
‘Die term is heel nuttig om te kijken wat er gebeurt als je op verschillende gronden gediscrimineerd wordt, bijvoorbeeld omdat je queer bent én Sámi. Maar we moeten er wel voor zorgen dat we die kenmerken onderscheiden van iemands identiteit.’
Waarom is dat belangrijk?
Elisabeth Stubberud: ‘Naast queer en Sámi is mijn identiteit nog veel breder: ik ben óók een veertigjarige, een academicus en een fervent loopster. Het is voor velen van ons ongemakkelijk om bepaalde labels expliciet te benoemen. Tenzij het strategisch nodig is, bijvoorbeeld wanneer we opkomen voor politieke rechten. Maar als je ‘‘queer’’ of ‘‘Sámi’’ zegt , noem je andere aspecten van mijn identiteit automatisch níét. Als ik bijvoorbeeld spreek over mijn Sámi-identiteit, dan zeg ik niks over mijn Kven-achtergrond.’
‘Voor velen is identiteit nu eenmaal complexer dan één woord of categorie. Binnen de Sámi-gemeenschap geldt die gelaagdheid misschien nog meer: ben je geassimileerd of niet-geassimileerd, spreek je Noors of Sámi, en zie je jezelf als zee-Sámi, bos-Sámi of rendier-Sámi? Het roept meteen nieuwe vragen op.’
Op welke manier proberen queer Sámi vandaag hun identiteit te claimen?
Elisabeth Stubberud: ‘Een heel goed en voor mij ook persoonlijk voorbeeld is de gákti. Gákti is traditionele Sámikledij die een boodschap over iemands achtergrond in zich draagt. Uit de kleren kan je aflezen uit welke regio je komt, uit welke familie, of je getrouwd bent… Maar die kleding is erg binair, met een verschillend kostuum voor vrouwen en mannen. Naarmate het bewustzijn over queer Sámi groeit, is er een vraag om flexibeler met die kledij om te gaan. ’
‘Anderzijds is het zo belangrijk voor onze cultuur dat we die kledij ook niet compleet overboord willen gooien. Ze moet haar functie als taal kunnen behouden.’
‘Gelukkig zijn er een aantal zeer getalenteerde duojár (mensen die deze traditionele kledij met de hand maken, ld), zoals Anna-Stina Svakko, die hebben nagedacht over hoe we de kledij genderinclusief kunnen maken. Ik heb nu bijvoorbeeld een gákti die er traditioneel vrouwelijk uitziet, uit de regio waar ik vandaan kom, maar achteraan is er een typisch mannelijke kraag toegevoegd. Dat geeft een androgyne uitstraling.’
‘Voor mij is dat echt belangrijk, want ik voel me nu veel comfortabeler in de gákti, én anderen kunnen nog steeds de geografische elementen lezen.’
Gebouwd op land
Wat is volgens u de grootste uitdaging voor queer Sámi vandaag?
Elisabeth Stubberud: (onmiddellijk) ‘De bescherming van traditioneel Sámi-grondgebied, onze landrechten dus.’
Waarom is die queerstrijd verbonden met de strijd voor landrechten?
Elisabeth Stubberud: ‘Ik denk dat elke inheemse persoon overal ter wereld op die vraag hetzelfde zou antwoorden. Zonder onze verbondenheid met het land bestaan we eigenlijk niet. Onze gemeenschap is daar volledig op gebouwd. De strijd voor onze historische gronden is een strijd die alle Sámipersonen delen, queer of niet.’
Word proMO*
Vind je MO* waardevol? Word dan proMO* voor slechts 4,60 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.
Je helpt ons groeien en zorgt ervoor dat we al onze verhalen gratis kunnen verspreiden. Je ontvangt vier keer per jaar MO*magazine én extra edities.
Je bent gratis welkom op onze evenementen en maakt kans op gratis tickets voor concerten, films, festivals en tentoonstellingen.
Je kan in dialoog gaan met onze journalisten via een aparte Facebookgroep.
Je ontvangt elke maand een exclusieve proMO*nieuwsbrief.
Je volgt de auteurs en onderwerpen die jou interesseren en kan de beste artikels voor later bewaren.
Per maand
€4,60
Betaal maandelijks via domiciliëring.
Meest gekozen
Per jaar
€60
Betaal jaarlijks via domiciliëring.
Voor één jaar
€65
Betaal voor één jaar.
Ben je al proMO*
Log dan hier in


