Zaden moeten Afrika wapenen tegen gevolgen El Niño

Nieuws

Zaden moeten Afrika wapenen tegen gevolgen El Niño

seeds africa zaden afrika
seeds africa zaden afrika

IPS / Farai Shawn Matiashe

10 september 20266 min leestijd

Nu klimaatrampen steeds vaker voorkomen op het Afrikaanse continent, zoeken landen naar klimaatslimme innovaties zoals gewasvarianten die beter bestand zijn tegen droogte. Maar het is vooral zaak om die tot bij de boeren zelf te krijgen, bleek op een bijeenkomst in Rwanda.

Droogteresistente basisgewassen zoals gierst en sorghum, helpen boeren om droge seizoenen door te komen. Ook van maïs bestaan variëteiten die toleranter zijn voor droogte.

Maar vreemd genoeg neemt het gebruik van die gewassen in Afrika af. Dat komt voor een deel door een gebrekkige toegang tot informatie, zwakke distributienetwerken en door namaakproducten.

Nochtans zijn de gewassen dringend nodig: de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) heeft net aangekondigd dat El Niño snel in kracht toeneemt in de Stille Oceaan. Het klimaatfenomeen zal naar verwachting ‘zeer sterk’ worden. De kans dat El Niño tot februari 2027 aanhoudt, ligt nu dicht bij de 100 procent. Dat vergroot de kans op maandenlange extreme hitte, overstromingen, droogte en ontregelend weer in grote delen van de wereld.

Distributie loopt niet vlot

Reden genoeg om volop in te zetten op veerkrachtige zaden, maar vorige maand nog bleek uit een rapport van Timothy Wise, landbouwbeleidsonderzoeker aan de Tufts University in de VS, dat het gebruik van klimaatbestendige gierstsoorten is afgenomen ten opzichte van maïs.

Maïs is voor veel landen in Sub-Sahara-Afrika een basisgewas, dat meer dan 300 miljoen mensen van voedsel voorziet. Het aandeel van meer droogteresistente gewassen als gierst en sorghum in het totale landbouwareaal in Afrika is tussen 2006 en 2024 gedaald van 25 naar 17 procent.

Vorige week kwamen experten bijeen in de Rwandese hoofdstad Kigali om te praten over oplossingen op het Africa Food Systems Forum.

Op een evenement van het International Maize and Wheat Improvement Center (CIMMYT) – een non-profitorganisatie voor onderzoek en ontwikkeling van tarwe- en maïsrassen – stelde Evelyne Lusenaka van het Center of Excellence for Seed Systems in Africa dat een gebrekkige distributie een van de redenen is voor de trage invoering van bepaalde zaadrassen in Afrika.

‘Afrika heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de ontwikkeling van verbeterde rassen en lokale zaadproducenten, maar boeren kampen nog steeds met een tekort aan hoogwaardig uitgangsmateriaal - zaden van de eerste generatie - met namaakproducten, zwakke distributienetwerken en een slechte toegang tot informatie.’

Tot bij de eindgebruiker

Droogte komt steeds vaker voor in Afrika en is uitgegroeid tot een ernstige humanitaire en ecologische crisis. Zo werd Zuidelijk Afrika in 2023 en 2024 getroffen door intense droogte als gevolg van El Niño. Miljoenen mensen kregen te maken met acute waterschaarste, mislukte oogsten, massale veesterfte en ernstige voedselonzekerheid.

De huidige El Niño kan gelijkaardige gevolgen hebben voor de landbouw in Afrika.

‘El Niño betekent dan wel 'kleine jongen' in het Spaans, toch kan het verschijnsel gemeenschappen en economieën wereldwijd een enorme klap toebrengen’, zegt Celeste Saulo, hoofd van de WMO. ‘We zien nu al de ontwrichting en verwoesting door droogte en overstromingen, en we verwachten dat deze gevolgen verergeren naarmate El Niño in kracht toeneemt.’

Vorig jaar hadden al naar schatting 167 miljoen Afrikanen te kampen met acute voedselonzekerheid, volgens het Africa Center for Strategic Studies, een aan de Amerikaanse overheid gelieerd onderzoeksinstituut. Dat is al de zesde opeenvolgende stijging.

Missing middle

Om te voorkomen dat het continent telkens opnieuw moet terugvallen op noodhulp, moet de kloof gedicht worden tussen wetenschappelijke ontdekking en de daadwerkelijke levering van zaden aan boeren, volgens Bram Govaerts, directeur-generaal van CIMMYT.

Hij wees op de “missing middle” of de ontbrekende schakel: de financiering, zaadsystemen, markten, voorlichtingsdiensten, beleidsmaatregelen, bedrijven en distributienetwerken die nodig zijn om innovaties van onderzoeksinstellingen tot bij de akkers van boeren te brengen.

Ook volgens Govaerts zijn er in de komende twee jaar vooral betere distributiesystemen nodig, en op langere termijn investeringen om de noodzaak aan herhaalde noodinterventies te verminderen.

De African Emergency Food Production Facility van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank (AfDB) is een fonds van 1,5 miljard dollar dat 35 Afrikaanse landen heeft gesteund na de recente wereldwijde schokken in de voedsel- en kunstmestvoorziening. Het fonds draagt bij aan de toegang tot kwalitatief hoogwaardig en klimaatbestendig zaaigoed. ‘Het toont aan wat er mogelijk is wanneer wetenschap wordt gekoppeld aan investeringen en nationale distributiesystemen’, zegt Innocent Musabyimana van de AfDB.

Ook het CIMMYT en zijn partners hebben in de aanloop naar de El Niño van 2023/2024 droogteresistent maïszaad verspreid in landen als Zambia, Malawi en Tanzania, om zo de gevolgen van de droogte te beperken.

Eerste linie

Mel Oluoch van de Sasakawa Africa Association – een organisatie in Japan die kleinschalige boeren ondersteunt in de gehele landbouwketen – benadrukte dat landbouwvoorlichting moet fungeren als een eerste linie van weerbaarheid, in plaats van als een mechanisme dat pas in werking treedt wanneer er projecten van start gaan.

‘Voorlichtingssystemen moeten boeren helpen bij de interpretatie van klimaatinformatie, de selectie van geschikte gewasvariëteiten, het beheer van bodem en water, de toegang tot financiering en de aansluiting op markten, en tegelijkertijd de ervaringen van boeren terugkoppelen naar het onderzoek.’

Mutande Kosta Tembo van Afriseed, een in Zambia gevestigd zaadbedrijf, merkte op dat een slecht landbouwseizoen de beschikbaarheid van zaaigoed tot ver na de oogst kan verstoren.

Ze stelde dat zaadproducenten behoefte hebben aan veerkrachtige variëteiten, werkkapitaal, verzekeringen, betrouwbare distributienetwerken en sterkere partnerschappen om zich te kunnen wapenen tegen schokken voordat het plantseizoen voorbij is.