Liesbeth Van Meulder (Rikolto)
“‘‘Koffie heeft geen toekomst zonder eerlijke afspraken’’

© Jjumba Martin Solidaridad Fairfood

© Jjumba Martin Solidaridad Fairfood
Terwijl de internationale koffiesector deze week samenkomt tijdens World of Coffee in Brussel, hangt er een ongemakkelijke waarheid boven het evenement. Het voortbestaan van de sector staat onder druk, en niet alleen door de klimaatverandering of stijgende prijzen, schrijft Liesbeth Van Meulder van Rikolto. Het huidige koffiemodel faalt om de mensen aan het begin van de keten, de boeren, een leefbaar inkomen te garanderen.
De recente Koffiebarometer maakt die kloof opnieuw pijnlijk duidelijk. Ondanks historisch hoge koffieprijzen blijven de meeste koffieboeren wereldwijd in armoede leven. Dat lijkt paradoxaal, maar is het niet. Prijsstijgingen op de wereldmarkt vertalen zich niet automatisch naar betere inkomens op het veld. De waarde zit elders in de keten, bij bedrijven die koffie verhandelen, branden en verkopen. Boeren blijven achter met de risico’s – van mislukte oogsten tot prijsschommelingen – en een inkomen dat structureel te laag is.
De sector heeft de voorbije twintig jaar wel initiatieven genomen. Er werd geïnvesteerd in certificering, trainingen en duurzaamheidsprogramma’s. Maar die inspanningen hebben het kernprobleem niet opgelost. Ze focussen op productie en efficiëntie, terwijl de fundamentele spelregels van de markt – prijszetting, contracten en machtsverhoudingen – grotendeels onaangeroerd blijven.
Precies daar ligt dan ook de sleutel tot verandering. Uit praktijkervaring die we met Rikolto en onze partners documenteerden, blijkt dat een andere manier van werken wél mogelijk is. Niet via losse projecten, maar door de manier waarop bedrijven koffie aankopen structureel te veranderen.
In verschillende partnerschappen zien we bijvoorbeeld dat langetermijncontracten een groot verschil maken. Wanneer bedrijven zich engageren voor meerdere jaren, krijgen boeren en coöperaties eindelijk de zekerheid om te investeren, bijvoorbeeld in kwaliteitsverbetering of agrobosbouw. Dat is een wereld van verschil met de gangbare praktijk, waarin contracten vaak jaarlijks worden onderhandeld en boeren gevangen blijven in kortetermijnlogica.
Ook op vlak van prijszetting zien we concrete verbeteringen. In sommige samenwerkingen wordt een prijs betaald die rekening houdt met de werkelijke productiekosten én een leefbaar inkomen. In andere gevallen zorgen gerichte premies voor bijvoorbeeld duurzame productie of jongerenprojecten dat extra waarde effectief bij de boer terechtkomt.
Een derde belangrijke hefboom is risicodeling. In veel conventionele ketens dragen boeren bijna alle risico’s. In inclusievere modellen zien we bedrijven die een deel van dat risico opnemen, bijvoorbeeld via voorfinanciering van oogsten of flexibele prijsmechanismen. Dat geeft boeren ademruimte en vermindert hun afhankelijkheid van dure kredieten of noodverkoop.
Daarnaast investeren vooruitstrevende bedrijven ook in de versterking van coöperaties. Niet alleen door training of inputs te geven, maar door hen te behandelen als volwaardige zakenpartners. Sterke boerenorganisaties maken betere afspraken mogelijk, verhogen de transparantie en geven boeren meer controle over hun positie in de keten.
Ten slotte groeit het besef dat boeren meer leveren dan koffie alleen. In verschillende cases wordt geëxperimenteerd met inkomensdiversificatie, zoals fruitteelt of bijenhouderij, en met het vergoeden van ecosysteemdiensten zoals het integreren van bomen in de plantage. Dat opent nieuwe inkomstenstromen en maakt boeren minder kwetsbaar voor de grote prijsschommelingen op de internationale koffiemarkt.
Als boeren geen toekomst zien in koffie, dan heeft deze sector ook geen toekomst.
Maar hoe hoopgevend deze voorbeelden ook zijn, ze blijven vandaag beperkt tot niches en pilootprojecten. De realiteit is dat de meeste koffie nog steeds wordt verhandeld volgens een model dat onvoldoende rekening houdt met boeren.
De opdracht voor de sector is duidelijk: de praktijken die ik hierboven beschreef, moeten de norm worden. Daar ligt ook de verantwoordelijkheid van de bedrijven en professionals die deze week in Brussel samenkomen. De kennis is er, de oplossingen zijn getest. Wat ontbreekt, is de bereidheid om het businessmodel op grotere schaal aan te passen.
Dat vraagt keuzes. Van bedrijven die hun aankooppraktijken herdenken. Van beleidsmakers die duidelijke kaders creëren om voorbij vrijblijvende initiatieven te gaan. Van een hele sector om meer samen te werken in plaats van verantwoordelijkheid door te schuiven.
Als boeren geen toekomst zien in koffie, dan heeft deze sector ook geen toekomst.
Liesbeth Van Meulder is koffie-expert bij Rikolto.
De meningen en standpunten in deze opiniebijdrage zijn die van de auteur en weerspiegelen niet noodzakelijkerwijs die van de MO*redactie.
